**1..** Burgemeester en wethouders verlenen voor een tijdelijke
woonruimteonttrekking alleen een onttrekkingsvergunning indien
de aanvrager aantoont dat een situatie bestaat die een
tijdelijke woonruimteonttrekking rechtvaardigt en waarbij vast
staat dat die woonruimteonttrekking niet langer dan vijf jaar
zal duren.
**2..** Burgemeester en wethouders nemen in de vergunning een termijn
op, waarna de onttrekking moet zijn beëindigd. Deze termijn
bedraagt ook na verlenging niet meer dan 5 jaar.
**3..** Burgemeester en wethouders kunnen aan de onttrekkingsvergunning
voor tijdelijke woonruimteonttrekking de voorwaarde van
financiële compensatie verbinden. Deze compensatie bedraagt 10%
van de compensatie als bedoeld in artikel 21, lid 1, sub b,
vermenigvuldigd met het aantal jaren waarvoor de tijdelijke
onttrekkingsvergunning is verleend.
**4..** Burgemeester en wethouders kunnen aan de onttrekkingsvergunning
voor tijdelijke woonruimteonttrekking tevens de voorwaarde
verbinden dat de vergunninghouder een waarborgsom stort dan wel
een bankgarantie verstrekt. De hoogte van de waarborgsom c.q.
bankgarantie is gelijk aan de compensatie als bedoeld in lid
3.
**5..** De waarborgsom als bedoeld in lid 4 wordt aan de
vergunninghouder terugbetaald binnen 8 weken nadat de
onttrekking binnen de termijn als bedoeld in lid 2 is beëindigd.
Ten aanzien van een eventueel afgegeven bankgarantie is het
bepaalde in artikel 18, lid 8, van overeenkomstige
toepassing.
**6..** De waarborgsom als bedoeld in lid 4 vervalt aan het in artikel
18, lid 4, genoemde fonds indien de onttrekking niet binnen de
termijn als bedoeld in lid 2 is beëindigd. Ten aanzien van een
eventueel afgegeven bankgarantie is het bepaalde in artikel 18,
lid 9, van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 5 › paragraaf 10
Artikel 19
Artikel 19
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Koggenland 2011