Compensatie voor de onttrekking, samenvoeging of omzetting
kan worden geboden door:
het toevoegen aan de woonruimtevoorraad van andere
vervangende woonruimte die naar het oordeel van
burgemeester en wethouders gelijkwaardig is aan de
woonruimte die als gevolg van de onttrekking,
samenvoeging of omzetting verloren gaat;
door betaling van een financiële compensatie waarbij
de volgende bedragen per vierkante meter te
onttrekken vloeroppervlak woonruimte van toepassing
zijn:
in geval van onttrekking aan de woonbestemming
€ 150,-- ;
in geval van samenvoeging van woonruimte of
het omzetten van zelfstandige in onzelfstandige
woonruimte € 75,--.
Het vloeroppervlak als bedoeld in sub b, wordt gesteld op
het gezamenlijk oppervlak van kamers en andere vertrekken,
keukens, badkamer, doucheruimte, hal en andere
verkeersruimten en inpandige bergingen.
Bij de bepaling van het vloeroppervlak zoals bedoeld onder
lid 1, sub b tellen zolderruimten slechts mee indien deze
bereikbaar zijn via een vaste trap en indien de vloer
begaanbaar is.
Het vloeroppervlak als bedoeld in lid 1, sub b, wordt
vastgesteld op de bij inwendige meting bevonden oppervlakte,
met een minimale hoogte van 1.50 meter boven de vloer.
De compensatiegelden als bedoeld in lid 1, sub b, komen ten
goede aan een door de gemeenteraad in te stellen fonds dat
uitsluitend wordt aangewend binnen het kader van de
volkshuisvesting.
Bij de als compensatie toe te voegen woonruimte als bedoeld
in lid 1, sub a, dient door de aanvrager om een
onttrekkingsvergunning binnen 4 weken na ontvangst van de
vergunning een waarborgsom te worden betaald dan wel een
bankgarantie te worden verstrekt, die gelijk is aan het
bedrag dat had moeten worden betaald indien hij voor de in
de onttrekkingsvergunning gestelde financiële
compensatievoorwaarde zou hebben gekozen.
Bij de als compensatie toe te voegen woonruimte als bedoeld
in lid 1, sub a, kunnen burgemeester en wethouders aan de
vergunning de voorwaarde verbinden, dat binnen 12 maanden na
de dag van verzending van het besluit de compensatie
daadwerkelijk moet hebben plaatsgevonden.
De waarborgsom als bedoeld in lid 5 wordt aan de
vergunninghouder terugbetaald binnen 8 weken nadat aan
burgemeester en wethouders schriftelijk is medegedeeld dat
de compensatie daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Indien
gekozen is voor een bankgarantie zoals bedoeld in lid 5
wordt de werking daarvan per gelijke datum beëindigd.
De waarborgsom als bedoeld in lid 5 vervalt aan het in lid 4
genoemde fonds indien de compensatie als bedoeld in lid 1,
sub a, niet voldoet aan de in de vergunning vermelde
voorwaarden, dan wel de compensatie niet binnen de gestelde
termijn daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Indien gekozen
is voor een bankgarantie zoals bedoeld in lid 5 dient het
daarin genoemde bedrag per omgaande te worden betaald.
Burgemeester en wethouders kunnen beslissen tot gehele of
gedeeltelijke vrijstelling van compensatie:
in gevallen, genoemd in artikel 17, lid 2, sub
b;
bij samenvoeging, indien de eigenaar-bewoner een
eigen investering doet ten behoeve van noodzakelijk
bouwkundig herstel. Daarbij geldt dat de
vrijstelling ten hoogste 50% van de noodzakelijke
investering bedraagt.
Hoofdstuk 5 › paragraaf 10
Artikel 18
Artikel 18
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Koggenland 2011