1. 1. Een subsidie ten laste van een begroting, die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld.
  2. 2. De in lid 1 bedoelde voorwaarde vervalt, indien het college niet binnen vier weken na vaststelling of goedkeuring van de begroting door de raad een beroep op deze voorwaarde heeft gedaan.