1.. Op de eigenaar of erfpachter die een verontreinigd perceel uitsluitend gebruikt voor particuliere bewoning door hemzelf zijn de artikelen 6 en 7 en 12 tot en met 17 niet van toepassing, tenzij in deze artikelen en dit artikel anders is bepaald.

2.. De artikelen 6 en 7 zijn van toepassing op de in het eerste lid bedoelde eigenaar of erfpachter indien op zijn perceel een bodemverontreiniging aanwezig is die is veroorzaakt door een op het perceel aanwezige lekkende huisbrandolietank in de periode dat hij van deze tank gebruik heeft gemaakt of waarvan hij na het gebruik heeft nagelaten de tank te verwijderen of anderszins op veilige wijze definitief onklaar te maken.

3.. De artikelen 12 tot en met 17 zijn van toepassing op de in het eerste lid bedoelde eigenaar of erfpachter indien hij zijn perceel waarop een bodemverontreiniging aanwezig is, die is veroorzaakt door een op het perceel aanwezige lekkende huisbrandolietank, heeft verkregen na 1 maart 1993. Daarmee is voldaan aan de voorwaarde van artikel 46, eerste lid onder c Wbb.

4.. De artikelen 6 en 7 en 12 tot en met 17 zijn van toepassing op de in het eerste lid bedoelde eigenaar of erfpachter die volgens de criteria van artikel 46 eerste lid Wbb kan worden aangemerkt als een schuldig eigenaar of schuldig erfpachter en die eigenaar of erfpachter is van een perceel waar de oorzaak of de bron van de verontreiniging zich bevindt of heeft bevonden.