1. 1. De voorziening als bedoeld in artikel 32 onderdeel b wordt in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget verstrekt.
  2. 2. De voorzieningen als bedoeld in artikel 32 onderdeel c en e worden in de vorm van een financiële tegemoetkoming verstrekt.
  3. 3. De voorziening als bedoeld in artikel 32 onderdeel d wordt in de vorm van een financiële tegemoetkoming verstrekt, tenzij de kosten van deze voorziening reeds bij de verstrekking van een voorziening als bedoeld in artikel 32 onderdeel b en c zijn inbegrepen.
  4. 4. De hoogte van de te verstrekken financiële tegemoetkoming of het persoonsgebonden budget is vastgelegd in het Besluit.