Voor verlenging van een omgevingsvergunning waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2°, van de wet van het bestemmingsplan of de beheersverordening wordt afgeweken, komen in aanmerking:

  • - een bijbehorend bouwwerk:
  • - a. binnen de bebouwde kom,
  • - b. buiten de bebouwde kom, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
  • - 1°. niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf,
  • - 2°. de oppervlakte niet meer dan 150 m2, en
  • - 3°. het bouwen niet tot gevolg heeft dat het aansluitend terrein voor meer dan 50% wordt bebouwd dan wel dat de oppervlakte die op grond van het bestemmingsplan of de beheersverordening voor bebouwing in aanmerking komt voor meer dan 50% wordt overschreden;
  • - een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 2, onderdeel 18, onder a, dat niet voldoet aan de in dat subonderdeel genoemd eisen, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
  • - a. niet hoger dan 5 m, en
  • - b. de oppervlakte niet meer dan 50 m2;
  • - een bouwwerk, geen gebouw zijnde, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
  • - a. niet hoger dan 10 m, en
  • - b. de oppervlakte niet meer dan 50 m2;
  • - een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw;
  • - een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m;
  • - een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998;
  • - een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen;
  • - het gebruiken van gronden of bouwwerken ten behoeve van evenementen met een maximum van drie per jaar en een duur van ten hoogste vijftien dagen per evenement, het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement hieronder begrepen;
  • - het gebruiken van bouwwerken, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
  • - a. binnen de bebouwde kom, en
  • - b. de oppervlakte niet meer dan 1500 m2;
  • - het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
  • - a. de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen;
  • - b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden,
  • - c. de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en
  • - d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was.