Lid 1

Ingeval er een terugbetalingsverplichting is afgesproken, wordt vergoeding van studiekosten pas gegeven, nadat de ambtenaar schriftelijk heeft verklaard, dat hij de uit dien hoofde genoten bedragen zal terugbetalen, indien:

  • - hij de hem ingevolge artikel 17:1:6:1 opgelegde verplichting niet nakomt;
  • - hij de studie, waarvoor de vergoeding is verleend, beëindigt voordat de in artikel 17:1:4:1 bedoelde termijn is verstreken zonder dat de studie tot het behalen van een diploma heeft geleid;
  • - de vergoeding wordt gestaakt op grond van artikel 17:1:5:1.
  • - hij gedurende de studie het dienstverband beëindigt;
  • - hij binnen twee jaren na het beëindigen van de studie het dienstverband beëindigt; voor elke maand eerder dan het einde van deze periode van twee jaren is dit 1/24 deel van de ontvangen vergoeding.

Lid 2

Het gestelde onder lid 1, sub d en e, geldt alleen indien de totale opleidingskosten het bedrag van € 1250 overschrijden.

Lid 3

De terugbetalingsverplichting op grond van het gestelde in lid 1, onder b, van dit artikel vervalt, indien voortzetting van de studie redelijkerwijs niet van hem kan worden verlangd.

Lid 4

Het college van burgemeester en wethouders kan de ambtenaar op zijn verzoek, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk, ontheffen van de op hem rustende verplichting tot terugbetaling.