**1.** Indien de gewezen ambtenaar bij het bereiken van de leeftijd van 62
jaar gebruik maakt van de mogelijkheid die artikel 16.3 van het
pensioenreglement biedt tot vrijwillige voortzetting van de
pensioenopbouw, worden de kosten van deze vrijwillig voortzetting
gedragen door de gemeente voor zover het pensioenopbouw voor de
helft betreft, met dien verstande dat per 1 januari 2007 30% van het
bedrag van de premie dat door de werkgever afgedragen zou moeten
worden, indien de gewezen ambtenaar nog verplicht pensioen zou
opbouwen, voor rekening blijft van de gewezen ambtenaar. De kosten
van een vrijwillige aanvullende deelname waardoor de pensioenopbouw
voor meer dan de helft plaats vindt, komen volledig ten laste van de
gewezen ambtenaar.
De werkgever stelt de ambtenaar in de drie maanden voor zijn ontslag
schriftelijk op de hoogte van:
de mogelijkheid om ook na het bereiken van de leeftijd van
62 jaar de pensioenopbouw voort te zetten op basis van
artikel 16.3 van het pensioenreglement;
dat indien de gewezen ambtenaar van de onder a weergegeven
mogelijkheid gebruik maakt om voor de helft pensioen te
blijven opbouwen dit niet leidt tot extra kosten in
vergelijking tot de situatie zoals die gold voor de gewezen
ambtenaar voordat hij de leeftijd van 62 jaar bereikte als
gevolg van de toepasselijkheid van artikel 9:5 lid 1;
de termijn waarbinnen een schriftelijk verzoek van de
gewezen ambtenaar om gebruik te maken van de mogelijkheid
die artikel 16.3 van het pensioenreglement bieden, ingediend
moet zijn bij het bestuur van de Stichting Pensioenfonds
ABP;
de mogelijkheid dat de gewezen ambtenaar op zijn verzoek bij
de indiening van de aanvraag wordt ondersteund door de
werkgever.
**2.** De aanschrijving bedoeld in het eerste lid wordt herhaald in de
drie maanden voor de dag dat de ambtenaar de leeftijd van 62 jaar
bereikt.