Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VI

Artikel 24

Ruiming, bezorging van overblijfselen en as

Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Heiloo

1. Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt bekend gemaakt bij de ingang van de begraafplaats en door het plaatsen van een mededelingenbordje bij het betreffende graf. Dit gebeurt minimaal een jaar voorafgaand aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden. Het mededelingenbordje bij het graf blijft staan tot het moment van ruiming. Indien het adres van degene die de zorg droeg over het graf bekend is bij de gemeente, wordt deze tevens per brief ingelicht over de voorgenomen ruiming. 2. De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden verzameld en onderin het graf opnieuw begraven, dan wel begraven op een van de daartoe bestemde, verzamelgraven van de begraafplaats(en). De bij de ruiming van het graf aanwezige as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde gedeelten van de begraafplaats(en). 3. Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder een aanvraag indienen om bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders. Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn is bijgezet in een algemeen graf kunnen bij de beheerder een aanvraag indienen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing elders. 4. De rechthebbende op een eigen graf, kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien. 5. Een graf wordt niet eerder geruimd dan na verloop van 15 jaar na de laatste bijzetting in dat graf, of zoveel langer als de wet voorschrijft. Dit laat onverlet dat de grafbedekking kan worden verwijderd nadat de graftermijn is verstreken, zoals is bepaald in artikel 21 van deze verordening. 6. Het vijfde lid van dit artikel is niet van toepassing op het ruimen van urnen of asbussen.

Rechtspraak bij dit artikel