Naar hoofdinhoud
1. Het college stelt, na ter zake advies gevraagd te hebben aan de Heilooër monumentencommissie, een lijst vast van graven, die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een zodanige opvallende kwaliteit heeft dat deze van belang is om te behouden. 2. Alvorens tot ruiming van graven of het verwijderen van grafbedekkingen wordt overgegaan, onderzoekt het college of deze in aanmerking komen om op de in het eerste lid bedoelde lijst te worden bijgeschreven. 3. Voor iedere wijziging aan het beschermde gedeelte van de begraafplaats of aan de op de in het eerste lid bedoelde lijst geplaatste graven of grafbedekkingen, is een vergunning vereist op grond van de Heilooër monumentenverordening; Het college kan hiervoor overeenkomstig het bepaalde in artikel 19, derde lid nadere regels stellen met betrekking tot materiaalgebruik en de duurzaamheid van materialen van toepassing. 4. Na het vervallen van grafrechten en alvorens tot ruiming van een graf wordt overgegaan, dat is geplaatst op de in het eerste lid bedoelde lijst, besluit het college, na ter zake advies gevraagd te hebben aan de Heilooër monumentencommissie, of het graf of de daarop aanwezige grafbedekking in aanmerking komt voor behoud in de vorm van plaatsing langs de rand van de begraafplaats. 5. Het college beslist over het ruimen van graven en het verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde lijst staan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel