Lid 1
Behoudens het bepaalde in de volgende artikelen wordt aan de ambtenaar wiens ambt is ingedeeld in een (1) der bij de bezoldigingsverordening behorende staten A en B met een lager maximum salaris dan dat van schaal 12 en die, anders dan bij wijze van overwerk, geregeld of vrij geregeld arbeid verricht op andere tijden dan op de werkdagen maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 en 18.00 uur, deswege een toelage verleend.
Lid 2
De in lid 1 bedoelde toelage wordt berekend over het voor de ambtenaar geldende salaris aan de hand van een percentage zoals in het volgende artikel is aangegeven.
Lid 3
Voor de toepassing van dit artikel wordt onder salaris verstaan het voor de ambtenaar geldende bedrag van de salaris- of loonschaal.