Behoudens het bepaalde in artikel 14 is de
aangifteplichtige ten aanzien van Destructiemateriaal A
gehouden;
tot vervoer van het destructiemateriaal naar een
door de directeur goedgekeurde, voor een
vervoermiddel van de ondernemer redelijkerwijs
bereikbare plaats, of tot afgifte aan een door
burgemeester en wethouders aangewezen lokale of
regionale ophaaldienst voor vervoer naar en de
bewaring van het destructiemateriaal op die
plaatsen kan de directeur nadere aanwijzingen
geven;
tot het ter beschikking houden van het
destructiemateriaal, afkomstig van gestorven
dieren, geleden hebbende aan of verdacht van een
ziekte, waarop titel III der Veewet van toepassing
is, alsmede tot het afgeven daarvan voor vervoer
door of vanwege de ondernemer ter plaatse, waar
dit destructiemateriaal zich bevindt, met
inachtneming van de omtrent de bewaring van dat
destructiemateriaal door het hoofd van dienst
gegeven aanwijzingen.
Burgemeester en wethouders geven met betrekking tot het
afsluiten, het schoonhouden en het verdere beheer van
verzamelplaatsen, alsmede het gemeentelijk toezicht
daarop, nadere voorschriften.