**1..** De belanghebbende is verplicht:
- - in voldoende mate te trachten passende arbeid te vinden;
- - aangeboden passende arbeid te aanvaarden;
- - mee te werken aan activiteiten die bevorderlijk zijn voor zijn inschakeling in de arbeid;
**2..** De belanghebbende dient hierbij te voorkomen dat hij:
- - door eigen toedoen geen passende arbeid kan verkrijgen;
- - door eigen toedoen passende arbeid opgeeft;
- - eisen stelt die het aanvaarden of verkrijgen van passende arbeid belemmeren;
**3..** De mate waarin arbeid als “passende arbeid” kan worden beschouwd, wordt in elk geval bepaald door:
- - de aard van de arbeid, in relatie tot eerder verrichte arbeid, een eerder uitgeoefend beroep of opgedane werkervaring;
- - het opleidingsniveau van de belanghebbende;
- - de reistijd naar en van het werk;
- - het geboden loon;
- - het werkloosheidsrisico;
**4..** Voorgaande verplichting tot het aanvaarden van passende arbeid vervalt indien belanghebbende:
- - de leeftijd van 65 jaar bereikt;
- - een nieuw politiek ambt als bedoeld in artikel 2 van de Appa aanvaardt, waarvan de bezoldiging volgens artikel 133 van de Appa tenminste 70% bedraagt van de als burgemeester danwel wethouder laatstgenoten wedde;
- - recht heeft op een voortgezette uitkering als gevolg van algemene invaliditeit als bedoeld in artikel 133a van de Appa;
**5..** Voorgaande bepalingen zijn niet van toepassing gedurende de eerste drie maanden na het aftreden van de belanghebbende.