Gedragingen van belanghebbenden waardoor de verplichting op grond van artikel 9 van de WWB, artikel 20 IOAW,of artikel 20 IOAZ niet of onvoldoende is nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën:

1.Eerste categorie:
a.het zich niet tijdig laten registreren of niet tijdig verlengen van de registratie als werkzoekende bij het UWV WERKbedrijf;
b.het niet ondertekenen of het niet aan burgemeester en wethouders verstrekken van de bijlage bij het besluit tot toekenning of voortzetting van de uitkering.
2.Tweede categorie:
a.het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen of te aanvaarden;
b.het niet dan wel niet tijdig voldoen aan een oproep om, in verband met de arbeidsinschakeling, op een aangegeven tijd en plaats te verschijnen;
c.het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling.
3.Derde categorie:
a.gedragingen die de inschakeling in arbeid belemmeren;
b.het niet of in onvoldoende mate gebruikmaken van een door het college aangeboden voorziening gericht op arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel b en artikel 10, eerste lid van de WWB, waaronder begrepen sociale activering of artikel 37, eerste lid, onderdeel e, van de IOAW of IOAZ;
c.het niet of in onvoldoende mate voldoen aan een individueel opgelegde verplichting die gericht is op de arbeidsinschakeling.
4.Vierde categorie:
a.het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid;
b.het door eigen toedoen niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid.