Beslisboom
Ben ik eigenaar geworden?
Deze beslisboom volgt de eisen voor de overdracht van een roerende zaak: levering, een geldige titel en een bevoegde vervreemder. Was de vervreemder niet bevoegd, dan toetst de boom de bescherming van de koper te goeder trouw. Ook de regel voor gestolen zaken komt aan bod.
Deze beslisboom hoort bij het thema Eigendom overdragen en de koper te goeder trouw.
Alle stappen lezen
Stap 1. Is de zaak roerend of onroerend?
Onroerend zijn de grond, de nog niet gewonnen delfstoffen en de met de grond verenigde beplantingen art. 3:3 BW. Dat geldt ook voor gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd. Alle andere zaken zijn roerend, zoals een fiets, een laptop of een sieraad.
Stap 2. Heb je de zaak van de vervreemder in handen gekregen?
Een roerende zaak in de macht van de vervreemder lever je door de verkrijger het bezit te verschaffen art. 3:90 BW. In de praktijk krijg je de zaak in handen. Zonder levering is er geen overdracht art. 3:84 BW.
Stap 3. Is er een geldige rechtsgrond voor de overdracht, zoals een koop of schenking?
De levering moet gebeuren krachtens een geldige titel art. 3:84 BW. Bij die titel moet de zaak voldoende bepaald zijn omschreven. Een overdracht die alleen dient als zekerheid, is geen geldige titel.
Stap 4. Was de vervreemder eigenaar of op een andere manier bevoegd om over de zaak te beschikken?
De levering moet zijn verricht door iemand die bevoegd is over het goed te beschikken art. 3:84 BW. Meestal is dat de eigenaar. Wie een zaak leent, huurt of in bewaring heeft, is niet bevoegd om haar te verkopen.
Stap 5. Heb je iets tegenover de zaak gesteld, zoals een betaling?
De bescherming van de verkrijger geldt alleen als de overdracht anders dan om niet gebeurde art. 3:86 BW. Een schenking is om niet.
Stap 6. Wist je, of had je moeten weten, dat de vervreemder niet bevoegd was?
De verkrijger moet te goeder trouw zijn art. 3:86 BW. Je bent niet te goeder trouw als je de feiten kende of behoorde te kennen art. 3:11 BW. Had je goede reden tot twijfel, dan ben je ook niet te goeder trouw. Denk aan een prijs ver onder de waarde.
Stap 7. Raakte de eigenaar de zaak kwijt door diefstal, minder dan drie jaar geleden?
De eigenaar van een gestolen roerende zaak kan haar opeisen tot drie jaar na de dag van de diefstal art. 3:86 BW. Dat geldt ook tegenover een koper te goeder trouw. Was de zaak uitgeleend, verhuurd of in bewaring gegeven, dan is zij niet gestolen.
Stap 8. Kocht je als particulier in een winkelpand van een handelaar in zulke zaken, in de normale gang van zijn bedrijf?
Kocht een particulier de zaak in een winkelpand van een handelaar in zulke zaken? Dan kan de eigenaar haar niet opeisen art. 3:86 BW. Een veilinghouder telt niet mee. Het opeisen kan ook niet bij geld of papier aan toonder of order.
Stap 9. Deze beslisboom gaat over roerende zaken. Een onroerende zaak lever je met een notariële akte en inschrijving in de openbare registers. De bescherming van artikel 3:86 geldt daarvoor niet.
Deze uitkomst rust op
- Artikel 89, Burgerlijk Wetboek Boek 3
De levering van een onroerende zaak gebeurt door een notariële akte die wordt ingeschreven in de openbare registers.
- Artikel 3, Burgerlijk Wetboek Boek 3
Dit artikel bepaalt welke zaken onroerend zijn.
Stap 10. Je bent nog geen eigenaar, want zonder levering en geldige titel gaat de eigendom niet over. Heb je een geldige koop maar is er nog niet geleverd, dan kun je van de verkoper levering vragen.
Deze uitkomst rust op
- Artikel 84, Burgerlijk Wetboek Boek 3
Voor overdracht zijn een levering en een geldige titel nodig.
- Artikel 9, Burgerlijk Wetboek Boek 7
De verkoper is verplicht de verkochte zaak in eigendom over te dragen en af te leveren.
Stap 11. Je bent eigenaar geworden. Er is geleverd, op grond van een geldige titel, door iemand die bevoegd was om te beschikken.
Deze uitkomst rust op
- Artikel 84, Burgerlijk Wetboek Boek 3
Aan alle drie de eisen voor overdracht is voldaan.
Stap 12. Je bent geen eigenaar geworden en de wet beschermt je niet, want die bescherming vraagt een betaling en goede trouw. De eigenaar kan de zaak terugeisen. Kocht je de zaak, dan kun je de verkoper erop aanspreken dat hij je geen eigendom verschafte.
Deze uitkomst rust op
- Artikel 86, Burgerlijk Wetboek Boek 3
De bescherming geldt alleen bij een overdracht anders dan om niet aan een verkrijger te goeder trouw.
- Artikel 11, Burgerlijk Wetboek Boek 3
Wie de feiten kende of behoorde te kennen, of goede reden tot twijfel had, is niet te goeder trouw.
- Artikel 9, Burgerlijk Wetboek Boek 7
De verkoper is verplicht de verkochte zaak in eigendom over te dragen.
Stap 13. Je bent eigenaar geworden, ook al was de vervreemder niet bevoegd. Vraagt iemand binnen drie jaar van wie je de zaak kreeg, geef die gegevens dan meteen. Anders verlies je deze bescherming.
Deze uitkomst rust op
- Artikel 86, Burgerlijk Wetboek Boek 3
De overdracht is geldig ondanks de onbevoegdheid, omdat je betaalde en te goeder trouw was.
- Artikel 87, Burgerlijk Wetboek Boek 3
Wie niet meteen zegt van wie hij de zaak kreeg, kan de bescherming niet inroepen.
Stap 14. De eigenaar kan de gestolen zaak opeisen tot drie jaar na de diefstal. Dat geldt ook als je te goeder trouw was. Je kunt de verkoper erop aanspreken dat hij je geen eigendom verschafte.
Deze uitkomst rust op
- Artikel 86, Burgerlijk Wetboek Boek 3
Lid 3 geeft de eigenaar van een gestolen zaak drie jaar om haar op te eisen. Dat geldt niet bij koop in een winkel.
- Artikel 9, Burgerlijk Wetboek Boek 7
De verkoper is verplicht de verkochte zaak in eigendom over te dragen.