De omvang van het ouderschapsverlof (het verlofsaldo) is afhankelijk van de relatie die de werknemer heeft met de kinderen, van het aantal kinderen en van de betrekkingsomvang. De omvang van het ouderschapsverlof wordt berekend naar evenredigheid van de werktijdfactor. De uitkomst van die berekening wordt rekenkundig afgerond op hele uren.
Wanneer er sprake is van de geboorte, adoptie of aanvang van de verzorging van één kind, bedraagt het verlofsaldo bij een normbetrekking 995 uur. Als er bij de in de vorige paragraaf onder punt 1 tot en 4 genoemde werknemers sprake is van de geboorte of adoptie van meerdere kinderen tegelijkertijd bedraagt het verlofsaldo 995 uur voor het eerste kind plus 415 uur voor elk extra kind. Voor de in de voorgaande paragraaf onder punt 1 tot en met 4 genoemde personen heeft de nieuwe regeling zodoende de volgende uitwerking:
Aantal kinderen ten aanzien
waarvan op hetzelfde moment
verlof ontstaat
Verlofsaldo in uren
1
995
2
1410 (= 995 + 415)
3
1825 (= 995 + 2x415)
4
2240 (= 995 + 3x415)
Enzovoort
Enzovoort
De in de voorgaande paragraaf onder punt 5 genoemde personen die op hetzelfde adres wonen als één kind of meerdere kinderen waarvoor zij duurzaam de verzorging en de opvoeding op zich hebben genomen, hebben recht op maximaal 995 uur verlof ongeacht het aantal kinderen. Het gaat in dat geval om pleegouders en betrokkenen die gaan samenwonen met een partner die één of meer kinderen heeft.
Voor onderwijsgevend personeel en onderwijsondersteunend personeel met lesgebonden taken of behandeltaken wordt het verlofsaldo dat bestaat uit lesgevende taken, lesgebonden taken of behandeltaken bepaald door de hoeveelheid van die taken die binnen de normjaartaak aan dit personeel kan worden opgedragen. Bij een normbetrekking bedraagt het verlofsaldo uit deze taken voor één kind zodoende: 995 maal 930/1659, dat is afgerond 558 klokuren.
Het verlof kan per kind gedurende een aaneengesloten periode van ten hoogste één jaar worden opgenomen. Dit wil zeggen dat het verlofsaldo mag worden verspreid over een periode van maximaal één jaar. Als sprake is van ouderschapsverlof op grond van de geboorte van meerdere kinderen of op grond van het tegelijkertijd op zich nemen van de verzorging van meerdere kinderen tegelijkertijd door (aspirant)-adoptieouders, mag het verlofsaldo waarop per kind recht bestaat telkens in één jaar worden opgenomen.
Als een betrokkene het verlof waarop per kind recht bestaat wil spreiden over een langere periode dan één jaar, moet hij dat vragen aan het bevoegd gezag. Een dergelijk verzoek hoeft het bevoegd gezag niet te honoreren indien daarvoor gewichtige redenen bestaan. Van gewichtige redenen kan bijvoorbeeld sprake zijn als de door de betrokkene gewenste vorm van het verlof de gang van zaken in de school zodanig zou ontwrichten dat het belang van de betrokkene daartegen niet opweegt. Deze mogelijkheid tot afwegen van belangen moet er toe leiden dat bevoegd gezag en betrokkene in goed overleg tot afspraken komen. Het criterium ”gewichtige redenen” betekent dus niet dat er sprake kan zijn van een eenzijdige belangenafweging door het bevoegd gezag alleen ten nadele van de werknemer (zie ook hieronder in de paragraaf ’procedure’).
De overeengekomen regeling maakt een flexibele aanwending van het ouderschapsverlof mogelijk.
Een betrokkene in een normbetrekking met recht op 995 uur verlof kan er bijvoorbeeld voor kiezen om dit verlof in één keer als voltijdverlof op te nemen, maar kan ook verzoeken om het verlof gedurende een heel (school)jaar in de vorm van deeltijdverlof op te nemen.
De regeling biedt de mogelijkheid om het verlof voor een deel op te nemen als deeltijdverlof en voor een ander deel als voltijdverlof. Een betrokkene in een normbetrekking die recht heeft op 1410 uur verlof kan bijvoorbeeld de eerste 995 uur verlof opnemen in de vorm van voltijdverlof en zich in die periode volledig richten op de verzorging van de kinderen. Vervolgens kan het restant van het verlofsaldo in de vorm van deeltijdverlof worden opgenomen. Betrokkene kan zodoende geleidelijk terugkeren in het arbeidsproces en wennen aan de combinatie van arbeid en zorg.
In bovenstaande uitwerking wordt het verlof in één aaneengesloten periode opgenomen. De regeling biedt bij meerlingen echter de mogelijkheid om het verlof te splitsen. Zodoende bestaat de mogelijkheid om tussen twee verlofperiodes in volledig aan het arbeidsproces deel te nemen.
Artikel 3
Omvang en duur
Onderdeel van Ouderschapsverlof in het primair onderwijs· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 19 april 2000