Indien de curator in een hoofdprocedure op grond van artikel 37 van de verordening aan de Nederlandse rechter een omzetting verzoekt van een reeds eerder hier te lande geopende surseance in een faillissement of in een schuldsaneringsprocedure, dient de Faillissementswet daarvoor een procedurele regeling te bevatten. Daarom worden voor de omzetting van surseance naar faillissement de artikelen 242, derde lid en 243 tot en met 246 Fw van overeenkomstige toepassing verklaard, en worden voor de omzetting van een surseance van betaling naar de schuldsaneringsregeling de artikelen 247a, derde tot en met vijfde lid, en 247b, eerste lid, en 247c Fw van overeenkomstige toepassing verklaard. Procureurstelling dient, zoals ook de Staatscommissie in haar advies heeft bepleit, verplicht te zijn voor de verzoeken tot omzetting van een surseance van betaling in een liquidatieprocedure in de zin van de verordening, dat wil zeggen een faillissement of schuldsaneringsregeling (de schuldsaneringsprocedure geldt niet als een saneringsprocedure, zie bijlage B bij de verordening). Omdat in het geval van surseance geen liquidatiehandelingen plaatsvinden, behoeven verzoeken tot schorsing van de liquidatie op de voet van artikel 33 van de verordening niet te worden genoemd in artikel 283 Fw. De voorgestelde procedurele bepalingen kunnen zonder bezwaar anticiperend worden toegepast.
Artikel 12
Omzetting in liquidatieprocedure
Onderdeel van Circulaire Inwerkingtreding EG-Insolventieverordening· Insolventierecht
Deze tekst geldt sinds 27 augustus 2002