1. 1. De benoemde leden van de raad kunnen door het hof van justitie bij met redenen omklede beschikking, worden ontslagen:
    • - a. wanneer zij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf tot gevangenisstraf of hechtenis zijn veroordeeld;
    • - b. wegens wangedrag of onzedelijkheid of bij herhaaldelijk gebleken achteloosheid in de uitoefening hunner functie;
    • - c. wegens het plegen van in artikel 29 verboden handelingen.
  2. 2. Zij worden door het hof van justitie bij met redenen omklede beschikken ontslagen:
    • - a. bij gebleken ongeschiktheid door ouderdom, door aanhoudende lichaamsziekte of tengevolge van zielsziekte, of bij het verlies van de hoedanigheid van Nederlands onderdaan;
    • - b. indien zij hun woonplaats overbrengen buiten het rechtsgebied van de raad;
    • - c. indien zij een functie aanvaarden als bedoeld in het tweede lid van artikel 20.