**1.** Voor de toepassing van de in artikel 13b, eerste lid, onderdeel b, van de wet bedoelde verordening die in de overgangsperiode als wet van toepassing is, wordt gedurende die overgangsperiode in de tekst van de verordening onder het genoemde in kolom II het genoemde in kolom III verstaan:
II
III
a.
‘Nederlands-Antilliaans publiekrechtelijk rechtspersoon’
publiekrechtelijk rechtspersoon naar het op de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba geldende recht
b.
‘pensioenverplichting welke geheel of gedeeltelijk overgaat op een in Nederland, Aruba dan wel een verdragsland gevestigde verzekeraar’
pensioenverplichting welke geheel of gedeeltelijk overgaat op een in Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten dan wel een verdragsland gevestigde verzekeraar
c.
‘De aangifte wordt gelijktijdig met de afdracht gedaan bij de ontvanger van het eilandgebied waar de werknemer bij het begin van het desbetreffende jaar of bij de aanvang van zijn belastingplicht in de loop van dat jaar woont. Indien de werknemer niet binnen de Nederlandse Antillen woont, geschieden vorenbedoelde aangifte en afdracht bij de ontvanger van het eilandgebied Curaçao’
De aangifte wordt gelijktijdig met de afdracht gedaan bij de ontvanger, bedoeld in artikel 13c van de Wet geldstelsel BES
‘Nederlands-Antilliaanse publiekrechtelijke rechtspersoon’
publiekrechtelijke rechtspersoon naar het op de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba geldende recht
**2.** In de overgangsperiode vindt artikel 37 van de in artikel 13b, eerste lid, onderdeel b, van de wet genoemde verordening geen toepassing.
Treedt volgens artikel 13a, onderdeel a, van de Wet geldstelsel BES (Stb. 2010/363) in werking op het tijdstip waarop artikel I, tweede lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.
Hoofdstuk II › § 2
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Uitvoeringsregeling fiscaliteit in overgangsperiode BES· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010