Alleen voor belegginginstellingen (BI): Heeft de BI een onvoorwaardelijke inkoopverplichting?
Ja: open-end. Verhandelbaarheid niet relevant, want altijd prospectus ex 4:49 Wft
Nee: closed- end. Ga naar vraag B
Is sprake van standaardisatie in de rechten van het waardebewijs of de deelneming in de BI/uitgevende instelling (UI)?
Ja: ga naar vraag C
Nee: geen effect (mogelijk wel financieel instrument en/of aantrekken opvorderbare gelden)
Zijn de waardebewijzen of deelnemingsrechten overdraagbaar aan een ander dan de BI/UI?
Ja: ga naar vraag D
Nee: (overdracht aan derde expliciet uitgesloten in de voorwaarden). Ga naar vraag E
Is sprake van een markt waarop de waardebewijzen of deelnemingsrechten (gewoonlijk) kunnen worden verhandeld?
Ja: verhandelbaar, dus prospectus ex 5:2 Wft vereist
Nee: ga naar vraag E
Bij overdracht aan BI/UI: Wordt na overdracht aan de BI /UI het deelnemingsrecht of waardebewijs ingetrokkenin de zin dat het deelnemingsrecht/waardebewijs daarna ophoudt te bestaan?
Ja: ga naar vraag F
Nee: (closed end) verhandelbaar. Verhandelbaar, dus prospectus ex 5:2 Wft vereist
Bij overdracht aan BI/UI: Wordt na intrekking van het deelnemingsrecht/waardebewijs door het fonds/UI gelijktijdig of volgtijdelijk één of meer soortgelijke rechten van deelneming of waardebewijzen uitgegeven aan een derde ?
Ja: (closed end) verhandelbaar. Verhandelbaar, dus prospectus ex 5:2 Wft vereist
Nee: (closed end) niet verhandelbaar. Niet verhandelbaar, dus prospectus ex 4:49 Wft vereist
Artikel 2
Stroomschema
Onderdeel van Beleidsregel verhandelbaarheid· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 15 februari 2011