Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Vergoedingen raadsleden

Onderdeel van Circulaire (onkosten)vergoedingen burgemeesters, wethouders, raadsleden en commissieleden per 1 januari 2014· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 10 december 2013

In artikel 2, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden is bepaald dat de vergoeding voor werkzaamheden voor raadsleden per 1 januari van elk jaar wordt herzien aan de hand van het indexcijfer CAO lonen overheid inclusief bijzondere beloningen geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar. Het indexcijfer CAO lonen overheid inclusief bijzondere beloningen geldend voor de maand september 2013 is niet bekend, omdat er bij het CBS onvoldoende informatie is om daar cijfers over te publiceren. Dit houdt in dat de bedragen van de vergoeding voor de werkzaamheden van raadsleden per 1 januari 2014 vooralsnog niet worden aangepast, maar gelijk blijven aan de bedragen die gelden per 1 januari 2013. Mocht er in de loop van 2014 informatie bekend worden die er toe leidt dat het genoemde indexcijfer wijzigt, dan informeer ik u daarover. Het maximumbedrag per maand voor de vergoeding van werkzaamheden voor raadsleden genoemd in artikel 2, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden bedraagt per 1 januari 2014: Klasse Inwonertal Maximum vergoeding werkzaamheden per maand 1 Tot en met 8.000 € 235,58 2 8.001–14.000 € 372,25 3 14.001–24.000 € 580,23 4 24.001–40.000 € 900,64 5 40.001–60.000 € 1.172,56 6 60.001–100.000 € 1.372,07 7 100.001–150.000 € 1.557,74 8 150.001–375.000 € 1.814,73 9 375.001– € 2.209,35

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel