**1.** Onverminderd het bepaalde bij of krachtens artikel 27ja, artikel 30v en artikel 31m van de wet, verstaat de raad van bestuur onder een passende interventiemaatregel als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, in ieder geval dat de vergunninghouder de zwaarte van zijn interventiemaatregelen afstemt op de ernst van de signalen en dat hij onverwijld intensievere maatregelen treft als de genomen interventiemaatregelen niet of onvoldoende tot het beoogde resultaat leiden.
**2.** Volgens de raad van bestuur is in ieder geval sprake van een passende interventiemaatregel om onmatige deelneming en kansspelverslaving zoveel mogelijk te voorkomen als bedoeld in artikel 18, eerste lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, als:
de online aanbieder bij een signaal als bedoeld in artikel 3.1.12, zesde lid, onder e, onverwijld nadere stortingen op de speelrekening van de speler blokkeert voor de resterende duur van die kalendermaand of totdat aannemelijk is dat de speler de financiële gevolgen van zijn speelgedrag kan dragen;
de vergunninghouder onverwijld en in ieder geval binnen een uur nadat hij een redelijk vermoeden als bedoeld in artikelen 27ja, tweede lid, 30v, tweede lid, en 31m, tweede lid, van de wet, moet hebben, deelname aan zijn kansspelen door de speler blokkeert totdat de vergunninghouder heeft vastgesteld dat van een redelijk vermoeden geen sprake is.
**3.** De raad van bestuur geeft geen toepassing aan een bepaling in het tweede lid als de vergunninghouder afdoende kan verantwoorden waarom hij daarvan is afgeweken.
Paragraaf 3.1
Artikel 3.1.13
Interventies in het speelgedrag
Onderdeel van Beleidsregel verantwoord spelen 2024· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2024