Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › § 2

Artikel 2.11

Werkwijze houder bij strafbare feiten in kindercentrum

Onderdeel van Wet kinderopvang BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

1. Indien de houder van een kindercentrum op enigerlei wijze bekend is geworden dat een bij zijn rechtspersoon werkzaam persoon zich mogelijk schuldig maakt of heeft gemaakt aan een misdrijf tegen de zeden als bedoeld in Titel XIV van het Wetboek van Strafrecht BES of mishandeling als bedoeld in Titel XX van het Wetboek van Strafrecht BES jegens een kind van een ouder die gebruik maakt van de door hem geboden kinderopvang, treedt de houder onverwijld in overleg met een deskundige als bedoeld in artikel 2.10a, eerste lid. 2. Indien uit het overleg, bedoeld in het eerste lid, wordt geconcludeerd dat sprake is van een redelijk vermoeden dat de desbetreffende persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een misdrijf als bedoeld in het eerste lid, doet de houder van een kindercentrum onverwijld aangifte bij een opsporingsambtenaar als bedoeld in artikel 1 van het Wetboek van Strafvordering BES, en stelt de houder een deskundige als bedoeld in artikel 2.10a, eerste lid, hiervan onverwijld in kennis. 3. Indien een bij de rechtspersoon van de houder van een kindercentrum werkzaam persoon op enigerlei wijze bekend is geworden dat een ander ten behoeve van de rechtspersoon van die houder werkzaam persoon zich mogelijk schuldig maakt of heeft gemaakt aan een misdrijf als bedoeld in het eerste lid jegens een kind van een ouder die gebruik maakt van de door de houder van een kindercentrum geboden kinderopvang, stelt hij de houder van dat kindercentrum daarvan onverwijld in kennis. 4. Indien toepassing van het derde lid ertoe zou leiden dat degene die van het vermoeden op de hoogte moet worden gesteld dezelfde persoon is als degene die zich mogelijk schuldig maakt of heeft gemaakt aan een misdrijf als bedoeld in het eerste lid, is artikel 2.12, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. 5. De houder van een kindercentrum bevordert de kennis en het gebruik van de handelwijze, bedoeld in dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel