**1.** De definities in artikel 1, eerste lid van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op deze beleidsregel, voor zover niet anders gedefinieerd in deze beleidsregel.
**2.** In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
wet:Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
Bibob-toets: het onderzoek en de beoordeling door het bestuursorgaan en/of het Bureau of, en zo ja in hoeverre sprake is van de situatie als bedoeld in artikel 3, artikel 4 en artikel 9 van de wet.
RDW: de Dienst Wegverkeer, als bedoeld in de Wegenverkeerswet;
erkenning: basiserkenning of erkenning voor specifieke handelingen;
basiserkenning: basiserkenning als bedoeld in artikel 4aua, eerste lid van de Wegenverkeerswet;
erkenning voor specifieke handelingen: erkenning als bedoeld in artikel 4aud, eerste lid van de Wegenverkeerswet;
erkenninghouder: een natuurlijk persoon of rechtspersoon waaraan een basiserkenning in combinatie met een of meer erkenningen voor specifieke handelingen is verleend (als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel x van de Wegenverkeerswet).
betrokkene: de erkenninghouder dan wel de aanvrager van een erkenning.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Beleidsregel toetsing erkenningen aan de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Bibob) door de Dienst Wegverkeer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 5 december 2025