Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Stuurgroep

Onderdeel van Huishoudelijk reglement NRO 2025· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2025

1. De Stuurgroep ziet toe op het strategisch, inhoudelijk en bedrijfseconomisch functioneren van het NRO. 2. In overeenstemming met artikel 4, vijfde lid, van het Convenant neemt de Stuurgroep besluiten omtrent: het goedkeuren van het meerjarenplan van het NRO dat een visie, een strategie en een meerjarenbegroting omvat; het vaststellen van de meerjarenbegroting na instemming van de raad van bestuur; het vaststellen van het jaarplan van de Prowo; het vaststellen van het jaarplan van de Kennisbenuttingsraad; het opzetten van de interne organisatiestructuur van het NRO, waarbij een tripartiete samenstelling van commissies steeds het uitgangspunt vormt; het accorderen van het meerjarige financieringsprogramma voor onderzoek. 3. De Stuurgroep draagt er zorg voor dat de Prowo en de Kennisbenuttingsraad hun beleid en werkzaamheden rond het bevorderen van het gebruik van kennis uit onderwijsonderzoek met elkaar afstemmen. 4. De directeur ondertekent de in het tweede lid van dit artikel bedoelde besluiten namens de Stuurgroep. De directeur kan hiervoor ondermandaat verlenen. Daarbij draagt hij er zorg voor dat het ondermandaat is opgenomen in het register zoals bedoeld in artikel 6.4 van de Bevoegdhedenregeling. 5. Bij de ondertekening neemt de directeur, dan wel de ondergemandateerde, het bepaalde in artikel 6.5 van de Bevoegdhedenregeling in acht, waarin staat bepaald dat de ondertekenaar van een besluit onder zijn handtekening zijn naam en functie vermeldt en aangeeft namens wie of welk orgaan het besluit is genomen. 1. De Stuurgroep bestaat uit een voorzitter en maximaal acht leden. 2. De Stuurgroep heeft een tripartiete samenstelling, waarin onderwijsveld, onderwijsbeleid en wetenschap zijn vertegenwoordigd. 3. De Stuurgroep vormt een adequate afspiegeling van het werkterrein. Er wordt gestreefd naar een evenwichtige man-vrouw verdeling, overeenkomstig het door NWO terzake gevoerde beleid. 4. De benoemingstermijn voor de leden van de Stuurgroep is vier jaar, met de mogelijkheid van een eenmalige herbenoeming voor maximaal vier jaar. 5. De Stuurgroep kiest uit haar midden een vicevoorzitter. 1. De Stuurgroep vergadert zo dikwijls als zij dit wenselijk acht, doch tenminste viermaal per jaar. De agenda wordt door de voorzitter vastgesteld en bij de uitnodiging verstuurd. 2. De Stuurgroep wordt ondersteund door een secretaris. Deze secretaris is geen lid van de Stuurgroep. De directeur vervult de rol van secretaris. De directeur kan zich bij de uitvoering van deze taak laten bijstaan door een van zijn medewerkers. 3. De secretaris draagt zorg voor de voorbereiding van de vergaderingen van de Stuurgroep, waaronder begrepen het schriftelijk of per e-mail verzenden van een uitnodiging, een conceptagenda, en de bijbehorende vergaderstukken. Tevens draagt de secretaris zorg voor de uitvoering van de genomen besluiten, alsmede voor de verslaglegging. 4. De secretaris woont de vergaderingen van de Stuurgroep bij en heeft daarin een adviserende stem. 5. De Stuurgroep kan niet-leden uitnodigen om (een deel van) de vergadering bij te wonen om advies of toelichting te geven over een specifiek agendapunt. 6. In haar besluitvorming streeft de Stuurgroep naar consensus. Indien over een besluit wordt gestemd, beslist de Stuurgroep bij gewone meerderheid. Ieder lid van de Stuurgroep heeft daarbij één stem. 7. Rechtsgeldige besluiten kunnen uitsluitend worden genomen indien tenminste de helft van het aantal leden van de Stuurgroep in de vergadering aanwezig is. 8. Indien het in het zevende lid genoemde quorum niet aanwezig is, kan: een tweede vergadering bijeen worden geroepen, waarin ongeacht het aantal aanwezige leden over de onderwerpen die voor voormelde eerste vergadering waren geagendeerd, met gewone meerderheid kan worden besloten; ten aanzien van aangelegenheden waarvoor geen tweede vergadering bijeen wordt geroepen, een voorlopig besluit worden genomen. Dit voorlopige besluit wordt vervolgens schriftelijk of per e-mail aan de leden ter instemming voorgelegd. Indien de meerderheid als bedoeld in het zevende lid instemt met het voorlopige besluit, wordt het besluit bekrachtigd. 9. Indien de stemmen staken wordt de besluitvorming over het betreffende onderwerp verdaagd naar een volgende vergadering. Indien de stemmen ook in deze vergadering staken, is de stem van de voorzitter doorslaggevend. 10. De Stuurgroep kan ook buiten vergadering besluiten nemen door schriftelijk of per e-mail alle leden van de Stuurgroep te consulteren. Indien een lid hiertegen per ommegaande bezwaar maakt, wordt het besluit aangehouden tot de volgende vergadering, tenzij dit naar het oordeel van de voorzitter niet mogelijk is, gelet op de spoedeisendheid. Indien de stemmen staken kan de voorzitter beslissen. 1. Ieder lid van de Stuurgroep maakt daarvan deel uit zonder last of ruggespraak. 2. Elk lid van de Stuurgroep handelt integer en transparant, met inachtneming van de algemene beginselen van goede trouw. Hij of zij vermijdt elke vorm of schijn van vooringenomenheid. 3. Elk lid van de Stuurgroep handelt – waar van toepassing – met inachtneming van de Code omgang met persoonlijke belangen en de Code Advisering, Strategie en Beleid. 4. Indien een lid van de Stuurgroep een direct of indirect persoonlijk belang heeft bij enig door de Stuurgroep te nemen besluit, neemt dit lid ten aanzien daarvan niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming. 5. Indien uit de Code omgang met persoonlijke belangen voortvloeit dat een of meer leden zijn uitgesloten van deelname aan de besluitvorming inzake subsidiebesluiten zoals bedoeld in artikel 6.3, vierde lid, van het Bestuursreglement, en dit leidt tot de situatie dat het in artikel 3.3, zevende lid, van dit huishoudelijk reglement bedoelde quorum niet kan worden bereikt, treedt de stemprocedure in werking. Deze procedure ziet niet op de hele vergadering, maar op de desbetreffende delen daarvan. 6. De stemprocedure houdt in dat het bepaalde in artikel 3.3., zevende lid, van dit huishoudelijk reglement buiten werking wordt gesteld. Alleen de leden die geen enkel persoonlijk belang hebben bij het desbetreffende deel van de vergadering nemen deel aan de besluitvorming. Ook de (vice-)voorzitter neemt slechts deel aan de besluitvorming indien de (vice-)voorzitter geen enkel persoonlijk belang heeft bij het desbetreffende deel van de vergadering. 7. Aan de stemprocedure moeten minimaal drie leden deelnemen die unaniem besluiten. Indien dit minimum niet wordt bereikt of indien er geen unanimiteit wordt bereikt, moet de besluitvorming op het desbetreffende onderdeel in de eerstvolgende vergadering van de raad van bestuur plaatsvinden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel