Hoofdstuk IV
Artikel 23
Programmering, identificatie, complementariteit en samenhang
Deze tekst geldt sinds 1 april 2003
**1.** Wat de programmering betreft, heeft het Comité de volgende bevoegdheden:
advies uitbrengen over de onderzoeken als bedoeld in artikel 15, lid 5, en lid 6, tweede alinea, artikel 16, tweede alinea, artikel 18, lid 4, artikel 19, lid 3, en artikel 19, leden 3 en 5, overeenkomstig de in artikel 27 beschreven procedure;
de in artikel 17, lid 3, bedoelde conclusies van de jaarlijkse evaluaties bespreken.
**2.** Het Comité bespreekt ook de samenhang en complementariteit van de steun van de Gemeenschap en die van de lidstaten. Ten behoeve van transparantie en onderlinge samenhang van de samenwerkingsactiviteiten en ter verbetering van de complementariteit van de activiteiten van de Gemeenschap met de bilaterale hulp, doet de Commissie de lidstaten en hun vertegenwoordigers ter plaatse binnen een maand na het behandelingsbesluit de identificatiedocumenten voor de projecten toekomen. Deze documenten worden regelmatig bijgewerkt en aan het Comité van het EOF, de lidstaten en hun vertegenwoordigers ter plaatse voorgelegd.
**3.** Ten behoeve van de complementariteit stelt iedere lidstaat de Commissie stelselmatig in kennis van de samenwerkingsactiviteiten die die lidstaat in ieder land onderneemt of wil ondernemen. Informatie over bilaterale hulp wordt verstrekt wanneer de eerste nationale samenwerkingsstrategie wordt opgesteld en wordt ten minste eenmaal per jaar, bij de jaarlijkse evaluatie, bijgewerkt.
De bepalingen van het akkoord werden voorlopig toegepast met ingang van 03-10-2000.