**1.** Tot de ontvangst van de kennisgeving van de beslissing van de aangezochte Staat op het verzoek tot strafvervolging kan de strafzaak door de verzoekende Staat noch worden afgedaan noch ter terechtzitting aanhangig worden gemaakt, behalve in geval van intrekking van het verzoek overeenkomstig artikel 4.
**2.** De verzoekende Staat kan geen enkele daad van vervolging ten aanzien van de verdachte meer verrichten zodra de aangezochte Staat kennis heeft gegeven van de inwilliging van het verzoek tot strafvervolging. Indien de aangezochte Staat de inwilliging alsnog intrekt overeenkomstig artikel 3, vierde en vijfde lid, herkrijgt de verzoekende Staat het recht tot strafvervolging met ingang van de dag van kennisgeving van het intrekken van de inwilliging.
**3.** Wordt het verzoek overeenkomstig het tweede lid van artikel 1 gedaan, dan kan de burgerlijke partij zich zonder kosten uit de strafzaak terugtrekken. De voeging eindigt van rechtswege op het ogenblik waarop kennis wordt gegeven van de inwilliging van het verzoek.
HOOFDSTUK IV
Artikel 15
Artikel 15
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden inzake het overnemen van strafvervolgingen· Strafrecht