**1.** Elke Overeenkomstsluitende Partij heeft het recht een exploitatievergunning te herroepen of de uitoefening van de in artikel 2 van deze Overeenkomst omschreven rechten door een door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij op te schorten, of ten aanzien van de uitoefening van die rechten de voorwaarden te stellen die zij noodzakelijk acht:
in alle gevallen waarin niet tot haar genoegen is aangetoond dat een aanmerkelijk deel van de eigendom van en het daadwerkelijk toezicht op die luchtvaartmaatschappij berusten bij de Overeenkomstsluitende Partij die de luchtvaartmaatschappij aanwijst of bij haar onderdanen; of
ingeval die luchtvaartmaatschappij in gebreke blijft de wetten en voorschriften van de Overeenkomstsluitende Partij die deze rechten verleent, na te komen; of
ingeval de luchtvaartmaatschappij anderszins in gebreke blijft de exploitatie te voeren in overeenstemming met de in deze Overeenkomst gestelde voorwaarden.
**2.** Dit recht wordt slechts uitgeoefend na overleg met de andere Overeenkomstsluitende Partij, tenzij onmiddellijk herroeping, opschorting of het stellen van de in het eerste lid van dit artikel bedoelde voorwaarden noodzakelijk is om hernieuwde inbreuken op de wetten of voorschriften te voorkomen.
Ingevolge artikel 1, tweede lid, van de Overeenkomst van 7 juni
2024 zal, wanneer in de Engelse tekst van de bilaterale
Overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar „nationals” van het
Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als een verwijzing
naar „nationals” van de lidstaten van de Europese Unie (Trb. 2025/97). Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 7 juni
2024 zal, wanneer in de Engelse tekst van de bilaterale
Overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar „air carriers or
airlines” van Nederland, dit worden begrepen als een verwijzing naar
de door Nederland aangewezen „air carriers or airlines” (Trb. 2025/97). Ingevolge artikel 2, eerste lid, van de Overeenkomst van 7 juni
2024 hebben de bepalingen van artikel 2, tweede en derde lid, van
deze Overeenkomst voorrang op de overeenkomstige bepalingen van
respectievelijk de artikelen 3 en 4 van de bilaterale Overeenkomst
(Trb. 2025/97).
Ingevolge artikel 1, tweede lid, van de Overeenkomst van 7 juni
2024 zal, wanneer in de Engelse tekst van de bilaterale
Overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar „nationals” van het
Koninkrijk der Nederlanden, dit worden begrepen als een verwijzing
naar „nationals” van de lidstaten van de Europese Unie (Trb. 2025/97). Ingevolge artikel 1, derde lid, van de Overeenkomst van 7 juni
2024 zal, wanneer in de Engelse tekst van de bilaterale
Overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar „air carriers or
airlines” van Nederland, dit worden begrepen als een verwijzing naar
de door Nederland aangewezen „air carriers or airlines” (Trb. 2025/97). Ingevolge artikel 2, eerste lid, van de Overeenkomst van 7 juni
2024 hebben de bepalingen van artikel 2, tweede en derde lid, van
deze Overeenkomst voorrang op de overeenkomstige bepalingen van
respectievelijk de artikelen 3 en 4 van de bilaterale Overeenkomst
(Trb. 2025/97).
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek Bangladesh betreffende luchtdiensten· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 1980