Naar hoofdinhoud

Artikel XI

RECHTSPOSITIE, IMMUNITEITEN EN VOORRECHTEN

Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Interamerikaanse Ontwikkelingsbank· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 10 januari 1977

Sectie 1. Strekking van het artikel Ten einde de Bank in staat te stellen haar doeleinden te bereiken en de haar opgelegde taken te vervullen, worden op het grondgebied van elk lid aan de Bank de in dit artikel vermelde rechtspositie, immuniteiten en voorrechten toegekend. Sectie 2. Rechtspositie De Bank bezit rechtspersoonlijkheid en heeft in het bijzonder de bevoegdheid: overeenkomsten te sluiten; roerende en onroerende goederen te verwerven en te vervreemden; en rechtsgedingen te voeren. Sectie 3. Rechtshandelingen Vorderingen mogen tegen de Bank uitsluitend worden ingesteld voor een bevoegde rechter op het grondgebied van een lid-land waar de Bank een kantoor heeft of waar zij een vertegenwoordiger heeft aangewezen voor het aannemen van gerechtelijke aanzeggingen of waardepapieren heeft uitgegeven of gegarandeerd. De Bank mag geen proces worden aangedaan door leden of personen die optreden voor of vorderingen hebben op leden. Ter regeling van geschillen tussen de Bank en haar leden dienen lid-landen evenwel gebruik te maken van daartoe in deze Overeenkomst, in de verordeningen en voorschriften van de Bank of in met de Bank gesloten overeenkomsten opgenomen bijzondere procedures. Eigendommen en activa van de Bank zijn vrij van iedere vorm van inbeslagneming, beslaglegging of executie vóór het uitspreken van een eindvonnis tegen de Bank, onverschillig waar zij zich bevinden en wie daarvan de houder is. Sectie 4. Immuniteiten der activa Eigendommen en activa van de Bank worden geacht openbaar internationaal bezit te zijn en zijn vrij van onderzoek, vordering, inbeslagneming, onteigening of andere vormen van beslagneming of uitsluiting op last van de uitvoerende of wetgevende macht, onverschillig waar zij zich bevinden en wie daarvan de houder is. Sectie 5. Onschendbaarheid der archieven De archieven van de Bank zijn onschendbaar. Sectie 6. Vrijstelling der activa van beperkende bepalingen Voor zover nodig voor de uitvoering van de doeleinden en functies alsmede van de werkzaamheden van de Bank overeenkomstig deze Overeenkomst, zijn alle eigendommen en andere activa van de Bank vrijgesteld van beperkingen, regelingen, controles en moratoria van welke aard ook, tenzij in deze Overeenkomst anders is bepaald. Sectie 7. Geprivilegieerde behandeling van aanzeggingen van de Bank Officiële aanzeggingen van de Bank worden door de leden op dezelfde wijze behandeld als de officiële aanzeggingen van andere leden. Sectie 8. Persoonlijke immuniteiten en voorrechten Alle bestuurders, Bewindvoerders, plaatsvervangers, het leidinggevend personeel en ander personeel van de Bank genieten de volgende voorrechten en immuniteiten: immuniteit voor rechtsvorderingen in verband met handelingen die zij uit hoofde van hun ambt hebben verricht, tenzij de Bank afstand doet van deze immuniteit; indien zij geen onderdanen zijn van het land waar zij zich bevinden, dezelfde onschendbaarheid ten aanzien van immigratiebeperkingen, registratieplichten voor buitenlanders en nationale dienstplicht en dezelfde faciliteiten ten aanzien van deviezenbepalingen als door de leden aan de vertegenwoordigers, ambtenaren en employés van vergelijkbare rang in dienst van andere leden worden toegekend; dezelfde voorrechten ten aanzien van reisfaciliteiten als door de leden aan vertegenwoordigers, ambtenaren en employés van vergelijkbare rang van andere leden worden toegekend. Sectie 9. Vrijstelling van belasting De Bank, haar bezit, andere activa, inkomsten en de werkzaamheden en transacties die zij uitvoert ingevolge deze Overeenkomst, zijn vrijgesteld van alle belastingen en douanerechten. De Bank is eveneens vrijgesteld van iedere verplichting tot betaling, inhouding of inning van belastingen of heffingen. Er wordt geen belasting geheven op of ten aanzien van salarissen en vergoedingen betaald door de Bank aan Bewindvoerders, plaatsvervangers, leidinggevend of ander personeel van de Bank, die geen burgers of onderdanen zijn van het land waar zij zich bevinden. Er wordt geen belasting geheven van welke aard ook op door de Bank uitgegeven schuldbekentenissen of waardepapieren, met inbegrip van de dividenden of interesten daarvan, onverschillig wie daarvan de houder is: die een discriminatie inhoudt tegen zulk een schuldbekentenis of waardepapier, uitsluitend omdat deze door de Bank zijn uitgegeven; of indien de plaats waar, of de valuta waarin de papieren zijn uitgegeven of waarin zij luiden of betaalbaar gesteld of betaald zijn, of de plaats waar een kantoor van de Bank is gevestigd of waar zij haar bedrijf uitoefent, de enige rechtsgrond voor een dergelijke belasting zou zijn. Er wordt geen belasting van welke aard ook geheven op door de Bank gegarandeerde schuldbekentenissen of waardepapieren, met inbegrip van de dividenden of interesten daarvan, onverschillig wie daarvan de houder is: die een discriminatie inhoudt tegen zulk een schuldbekentenis of waardepapier, uitsluitend uit hoofde van derzelfder garantie door de Bank; of indien de plaats waar een kantoor van de Bank is gevestigd of waar zij haar bedrijf uitoefent, de enige rechtsgrond voor een dergelijke belasting zou zijn. Sectie 10. Toepassing Ieder lid neemt overeenkomstig zijn wetgeving de nodige stappen om op zijn grondgebied aan de bepalingen, neergelegd in dit artikel, uitvoering te geven en stelt de Bank van de genomen maatregelen in kennis.

Rechtspraak bij dit artikel