**1.** Elk van beide partijen behoudt haar rechten en verplichtingen ingevolge artikel XIX van de GATT 1994 en de Overeenkomst inzake vrijwaringsmaatregelen. Tenzij in het onderhavige artikel anders is bepaald, verleent de onderhavige overeenkomst de partijen geen aanvullende rechten en legt hen geen aanvullende verplichtingen op met betrekking tot maatregelen getroffen op grond van artikel XIX van de GATT 1994 en de Overeenkomst inzake vrijwaringsmaatregelen.
**2.** De partij die voornemens is vrijwaringsmaatregelen te treffen, geeft op verzoek van de andere partij en op voorwaarde dat deze daar aanmerkelijk belang bij heeft, onmiddellijk ad hoc schriftelijk kennis van alle relevante informatie over de opening van een vrijwaringsonderzoek, alsmede van de voorlopige en de definitieve resultaten van dat onderzoek.
**3.** Voor de toepassing van dit artikel wordt een partij geacht aanmerkelijk belang te hebben wanneer zij, uitgedrukt in absoluut volume of waarde, in de meest recente periode van drie jaar tot de vijf grootste leveranciers van het ingevoerde goed behoorde.
**4.** Geen van beide partijen mag met betrekking tot hetzelfde goed tegelijkertijd:
een bilaterale vrijwaringsmaatregel overeenkomstig artikel 3.1 toepassen; en
een maatregel als bedoeld in artikel XIX van de GATT 1994 en de Overeenkomst inzake vrijwaringsmaatregelen toepassen.
**5.** Geen van beide partijen kan voor geschillen die in het kader van deze afdeling ontstaan, een beroep doen op hoofdstuk veertien (Beslechting van geschillen).
HOOFDSTUK DRIE › AFDELING C
Artikel 3.7
Algemene vrijwaringsmaatregelen
Onderdeel van Vrijhandelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Korea, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 13 december 2015