Naar hoofdinhoud
1. Elke aanvraag om een rente op grond van het bepaalde in de Hoofdstukken 3 en 4 van Titel III van het Verdrag, wordt ingediend door middel van het daarvoor bestemd formulier en wordt overgelegd aan het bevoegde orgaan van het land, waar de aanvrager woont. 2. Indien een zodanige aanvraag wordt ingediend bij het orgaan van het andere land, zendt dat orgaan de aanvraag onverwijld door aan het bevoegde orgaan van eerstgenoemd land en vermeldt op de aanvraag de datum, waarop deze van de aanvrager werd ontvangen.

Rechtspraak bij dit artikel