**1.** Indien een onderdaan van een van beide landen werkzaam is in het ene land en ingevolge het bepaalde bij artikel 4, tweede lid, onder a, van het Verdrag onderworpen is aan de wettelijke regeling van het andere land, zijn de volgende bepalingen van toepassing:
Het orgaan van laatstgenoemd land reikt aan de werkgever een verklaring uit, waaruit blijkt, dat de onderdaan verzekerd is ingevolge de wetgeving van dat land.
Indien een werkgever een aantal zodanige onderdanen uitzendt om, gedurende hetzelfde tijdvak, op het grondgebied van het ene land te werken, kan het orgaan van het andere land één verklaring voor alle betrokken onderdanen uitreiken.
Bedoelde verklaring moet op verzoek van het orgaan van eerstgenoemd land door de vertegenwoordiger van de werkgever in dat land worden getoond of, indien er niet een zodanige vertegenwoordiger is, door de betrokken onderdaan zelf.
Het orgaan van het Verenigd Koninkrijk reikt met het oog op de toepassing van het bepaalde in artikel 2 van het Protocol een afschrift van genoemde verklaring uit aan ieder, die op zodanige wijze op Nederlands grondgebied werkzaam is.
**2.** Voor de toepassing van dit artikel is het bevoegde orgaan in Nederland het Gemeenschappelijk Administratiekantoor te Amsterdam.
TITEL II
Artikel 2
Artikel 2
Deze tekst geldt sinds 12 juni 1956