De Bank kan leningen, die aan de algemene voorwaarden van Artikel III voldoen, op een van de volgende wijzen verstrekken of vergemakkelijken:
Door het verstrekken van of het deelnemen in directe leningen uit haar eigen gelden, overeenkomend met haar onaangetast gestort kapitaal en surplus en, behoudens het bepaalde in sectie 6 van dit artikel, haar reserves.
Door het verstrekken van of deelnemen in directe leningen uit gelden die op de markt van een lid opgenomen, of op andere wijze door de Bank geleend zijn.
Door het geheel of gedeeltelijk garanderen van leningen, die door particuliere beleggers via de gebruikelijke investeringskanalen verstrekt zijn.
De Bank kan op grond van het hierboven vermelde onder a, onder ii gelden lenen of volgens a, onder iii leningen garanderen, doch uitsluitend met goedkeuring van het lid, op wiens markt de gelden opgenomen worden en van het lid in wiens valuta de lening luidt, en slechts indien deze leden erin toestemmen dat de opbrengsten zonder beperkingen in de valuta van enig ander lid kunnen worden omgewisseld.
Valuta’s die ingevolge artikel II, sectie 7, onder i, bij de Bank gestort zijn, worden slechts met toestemming, voor ieder geval afzonderlijk, van het lid wiens valuta erbij betrokken is, uitgeleend worden; met dien verstande echter, dat indien noodzakelijk, nadat van het gehele geplaatste kapitaal van de Bank de storting gevorderd is, zulke valuta’s, zonder beperking door de leden wier valuta’s aangeboden worden, gebruikt of in die valuta’s omgewisseld worden, die nodig zijn om contractuele rente, andere kosten of aflossingen ten behoeve van de door de Bank zelf opgenomen leningen te betalen of om de verplichtingen van de Bank na te komen, die betrekking hebben op dergelijke contractuele betalingen voor leningen, die door de Bank gegarandeerd zijn.
Valuta’s die door de Bank van kredietnemers of borgen in betaling worden ontvangen ter aflossing van directe leningen, die in de valuta’s, hierboven onder a bedoeld, verleend zijn, worden in de valuta’s van andere leden slechts met de toestemming, voor ieder geval afzonderlijk van die leden, wier valuta’s erbij betrokken zijn, omgewisseld of weer uitgeleend; met dien verstande echter, dat indien noodzakelijk, nadat van het gehele geplaatste kapitaal van de Bank de storting gevorderd is, dergelijke valuta’s, zonder beperking door de leden wier valuta’s aangeboden worden, gebruikt of in die valuta’s omgewisseld worden, die nodig zijn om contractuele rente, andere kosten of aflossingen ten behoeve van door de Bank zelf opgenomen leningen te betalen of om de verplichtingen van de Bank na te komen, die betrekking hebben op dergelijke contractuele betalingen voor leningen, die door de Bank gegarandeerd zijn.
Valuta’s die door de Bank van kredietnemers of borgen in betaling ontvangen worden ter aflossing van directe leningen door de Bank ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder ii, van dit artikel verstrekt, worden zonder beperking van de zijde van de leden gehouden en gebruikt voor het betalen van aflossingen, of voor de vervroegde betaling op of terugkoop van een deel of van alle eigen verplichtingen van de Bank.
Alle andere valuta’s waarover de Bank beschikt, met inbegrip van die welke op de markt opgenomen of op andere wijze ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder ii, van dit artikel geleend zijn, alsmede van die welke tegen verkoop van goud verkregen zijn, van die welke ter betaling van rente en andere kosten van directe leningen, verstrekt ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder i en ii, ontvangen zijn, en van die welke ter voldoening van provisies en andere kosten ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder iii, ontvangen zijn, worden zonder beperking van de zijde van de leden, wier valuta’s worden aangeboden, gebruikt of in andere valuta’s of in goud omgewisseld, indien dit nodig is voor de werkzaamheden van de Bank.
Valuta’s die op de markten van leden door kredietnemers opgenomen worden op leningen, die door de Bank ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder iii, van dit artikel gegarandeerd zijn, worden eveneens, zonder beperking van de zijde van deze leden, gebruikt of in andere valuta’s omgewisseld.
De volgende bepalingen zijn van toepassing op directe leningen ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder i en ii, van dit artikel:
De Bank verstrekt de kredietnemer die valuta’s van leden – andere dan het lid op wiens grondgebied het project gelegen is – die door de kredietnemer benodigd zijn voor uitgaven op de grondgebieden van deze andere leden, teneinde het doel van de lening te verwezenlijken.
De Bank kan in buitengewone omstandigheden, indien de plaatselijke valuta, die voor het doel van de lening nodig is, niet onder redelijke voorwaarden door de kredietnemer opgenomen kan worden, de kredietnemer als onderdeel van de lening, een passend bedrag aan deze valuta ter beschikking stellen.
De Bank kan, wanneer het project indirect tot een grotere behoefte aan buitenlandse deviezen voor het lid op wiens grondgebied het project gelegen is, aanleiding geeft, de kredietnemer in buitengewone omstandigheden als onderdeel van de lening een passend bedrag aan goud of buitenlandse deviezen ter beschikking stellen, dat niet de plaatselijke uitgaven van de kredietnemer in verband met het doel van de lening te boven gaat.
De Bank kan in buitengewone omstandigheden op verzoek van een lid op wiens grondgebied een deel van de lening wordt besteed, een gedeelte van de aldus bestede valuta van dat lid tegen goud of buitenlandse deviezen terugkopen, maar het aldus teruggekochte deel zal in geen geval het bedrag te boven gaan, waarmee het gebruik van de lening op dit grondgebied aanleiding geeft tot een verhoogde behoefte aan buitenlandse deviezen.
Leningsovereenkomsten krachtens sectie 1, onderdeel a, onder i of ii, van dit artikel worden in overeenstemming met de volgende betalingsvoorwaarden afgesloten:
De bepalingen en voorwaarden van rente- en aflossingsbetalingen, van de looptijd en van de betaaldagen van iedere lening worden door de Bank vastgesteld. De Bank stelt ook het percentage en alle overige bepalingen en voorwaarden voor de in verband met een dergelijke lening te berekenen provisie vast.
In het geval van leningen, die ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder ii, van dit artikel verleend zijn gedurende de eerste tien jaar waarin de Bank operationeel is, bedraagt het percentage van deze provisie ten minste een percent per jaar en ten hoogste anderhalf percent per jaar, en wordt over het uitstaande bedrag van iedere zodanige lening berekend. Aan het eind van deze periode van tien jaar kan het provisiepercentage door de Bank verlaagd worden, zowel ten aanzien van het uitstaande deel van reeds verstrekte leningen als ten aanzien van toekomstige leningen, indien de reserves, door de Bank ingevolge sectie 6 van dit artikel en uit andere inkomsten gevormd, door haar voldoende geacht worden om een verlaging te rechtvaardigen.
In geval van toekomstige leningen staat het de Bank ook vrij het provisiepercentage tot boven de voornoemde grens te verhogen, wanneer een dergelijke verhoging volgens de ervaring raadzaam is.
Alle leningsovereenkomsten stipuleren de valuta of de valuta’s waarin de betalingen ingevolge de overeenkomst aan de Bank dienen te worden verricht. Naar keuze van de kredietnemers kunnen deze betalingen echter in goud, of met toestemming van de Bank, in de valuta van een ander lid dan gestipuleerd in de overeenkomst, worden gedaan.
In het geval van leningen, die krachtens sectie 1, onderdeel a, onder i, van dit artikel verstrekt zijn, schrijven de leningsovereenkomsten voor dat betalingen aan de Bank van rente, andere kosten en aflossing, geschieden in de valuta waarin geleend werd, tenzij het lid wiens valuta geleend werd, erin toestemt dat dergelijke betalingen in een andere omschreven valuta of valuta’s plaatsvinden. Deze betalingen zullen, behoudens het bepaalde in artikel II, sectie 9, onderdeel c, in waarde gelijk zijn aan dergelijke contractuele betalingen op de datum waarop de leningen werden afgesloten, uitgedrukt in een voor dit doel door de Bank met een meerderheid van drie vierde van het totaal aantal stemmen aangewezen valuta.
In het geval van overeenkomstig sectie 1, onderdeel a, onder ii, van dit artikel verstrekte leningen gaat het totale in een valuta uitstaande en aan de Bank te betalen bedrag, het totaal van de uitstaande bedragen die door de Bank ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder ii, geleend zijn en in dezelfde valuta verschuldigd zijn, nooit te boven.
Wanneer de deviezenpositie van een lid zeer krap geworden is, zodat de schuldendienst van een lening, die door dat lid opgenomen of door hem of een van zijn instanties gegarandeerd is, niet op de voorgeschreven wijze afgewikkeld kan worden, kan het betrokken lid bij de Bank een verzoek indienen om de betalingsvoorwaarden te verzachten.
Indien de Bank de overtuiging heeft dat enige verzachting in het belang is van het betreffende lid en van de werkzaamheden van de Bank en van haar leden gezamenlijk, kan zij volgens een of beide van de volgende paragrafen handelen ten aanzien van het geheel of een gedeelte van de jaarlijkse schuldendienst:
De Bank kan naar haar goeddunken met het desbetreffende lid regelingen treffen om betalingen aan te nemen ten behoeve van de dienst van de lening in de valuta van het lid voor periodes van ten hoogste drie jaar, tegen behoorlijke voorwaarden ten aanzien van de aanwending van deze valuta en de handhaving van haar buitenlandse deviezenwaarde en voor het terugkopen van dergelijke valuta tegen passende voorwaarden.
De Bank kan de voorwaarden van aflossing wijzigen of de looptijd van de lening verlengen, of beide maatregelen nemen.
Bij het garanderen van een lening, die via de gebruikelijke investeringskanalen geplaatst wordt, berekent de Bank een garantieprovisie die over het uitstaande bedrag van de lening tegen een door de Bank vastgesteld percentage, periodiek verschuldigd zal zijn.
Gedurende de eerste tien jaar waarin de Bank operationeel is bedraagt dit percentage ten minste een percent per jaar en ten hoogste anderhalf percent per jaar. Aan het eind van deze periode van tien jaar kan het provisiepercentage door de Bank verlaagd worden, zowel ten aanzien van het uitstaande deel van reeds gegarandeerde leningen als ten aanzien van toekomstige leningen, indien de reserves, door de Bank ingevolge sectie 6 van dit artikel en uit andere inkomsten gevormd, door haar voldoende worden geacht om een verlaging te rechtvaardigen. In het geval van toekomstige leningen staat het de Bank ook vrij het provisiepercentage tot boven de voornoemde grens te verhogen, wanneer een dergelijke verhoging volgens de ervaring raadzaam is.
Garantieprovisies worden door de kredietnemer rechtstreeks aan de Bank betaald.
Door de Bank verleende garanties bepalen dat de Bank haar verplichtingen ten aanzien van de rente kan beëindigen, indien de Bank bij in gebreke blijven van de kredietnemer of van de eventuele borg, aanbiedt de gegarandeerde obligaties of andere schuldpapieren tegen de nominale waarde te kopen en met de ontstane rente, tot een in het aanbod vermelde datum.
De Bank is bevoegd andere bepalingen en voorwaarden te stellen aan de garantie.
Het bedrag van de door de Bank ingevolge sectie 4 en 5 van dit artikel ontvangen provisies wordt opzij gezet als een bijzondere reserve, die beschikbaar gehouden wordt om verplichtingen van de Bank overeenkomstig sectie 7 van dit artikel na te komen. Deze bijzondere reserve moet in een zodanige volgens deze Overeenkomst toegestane liquide vorm gehouden worden, als het College van Bewindvoerders beslist.
Bij wanbetalingen ten aanzien van door de Bank verstrekte of gegarandeerde leningen of leningen waarin de Bank heeft deelgenomen:
treft de Bank alle mogelijke maatregelen om de verplichtingen die uit de leningen voortvloeien te regelen, inclusief maatregelen volgens en vergelijkbaar met sectie 4, onderdeel c, van dit artikel.
Voor betalingen tot nakoming van de verplichtingen van de Bank ten aanzien van leningen of garanties ingevolge sectie 1, onderdeel a, onder ii en iii, van dit artikel, zullen aangesproken worden:
ten eerste de bijzondere reserve, zoals voorzien in sectie 6 van dit artikel;
vervolgens, in de vereiste omvang en naar goeddunken van de Bank, de andere reserves, het surplus en het kapitaal dat de Bank ter beschikking staat.
Steeds wanneer dit nodig is om de contractuele betalingen van rente, andere kosten of aflossing op de door de Bank zelf opgenomen leningen te betalen of de verplichtingen van de Bank met betrekking tot overeenkomstige betalingen op leningen die door de Bank gegarandeerd zijn, na te komen, kan de Bank ingevolge artikel II, sectie 5 en 7, een dienovereenkomstig bedrag van de niet-betaalde inschrijvingen van de leden vorderen.
Bovendien kan de Bank wanneer zij verwacht dat een wanbetaling langdurig zal zijn, de betaling vorderen van een extra bedrag van dergelijke nog niet betaalde inschrijvingen, dat echter in geen enkel jaar een percent van het totaal van de inschrijvingen van de leden te boven mag gaan, voor de volgende doeleinden:
Om de gehele of een gedeelte van de uitstaande hoofdsom van een door haar gegarandeerde lening voor de vervaldag af te lossen of op andere wijze haar verplichting na te komen wanneer de schuldenaar in gebreke is.
Om door haarzelf opgenomen leningen geheel of gedeeltelijk terug te kopen of haar verplichtingen ten aanzien daarvan op andere wijze na te komen.
Naast de elders in deze Overeenkomst beschreven werkzaamheden, heeft de Bank de bevoegdheid:
waardepapieren die zij uitgegeven heeft te kopen en te verkopen en waardepapieren die zij gegarandeerd heeft of waarin zij geïnvesteerd heeft, te kopen en te verkopen, met dien verstande dat de Bank de toestemming verkrijgt van het lid, op wiens grondgebied de waardepapieren gekocht of verkocht zullen worden.
waardepapieren te garanderen waarin zij geïnvesteerd heeft, teneinde de verkoop daarvan te vergemakkelijken.
de valuta van welk lid dan ook met de toestemming van dat lid te lenen.
de andere waardepapieren te kopen en te verkopen die de Bewindvoerders met een meerderheid van drie vierde van het totale aantal stemmen geschikt achten voor de belegging van het geheel of een deel van de bijzondere reserve ingevolge sectie 6 van dit artikel.
Bij het uitoefenen van de haar ingevolge deze sectie verleende bevoegdheden kan de Bank met iedere persoon, firma, vereniging, vennootschap of andere rechtspersoon op het grondgebied van enig lid in verbinding treden.
Ieder waardepapier dat door de Bank gegarandeerd of uitgegeven wordt, is op de voorzijde voorzien van een duidelijk zichtbare verklaring met de strekking dat het geen schuldverplichting van een regering is, tenzij dit uitdrukkelijk op het waardepapier vermeld is.
De Bank en haar ambtenaren mogen zich niet in de politieke aangelegenheden van enig lid mengen; noch zullen zij zich bij hun beslissingen door het politieke karakter van het betrokken lid of de betrokken leden laten beïnvloeden. Slechts economische overwegingen zullen bij hun beslissingen ter zake dienen en deze overwegingen zullen onpartijdig afgewogen worden, teneinde de in artikel I vermelde doelstellingen te verwezenlijken.
De Engelse tekst van de Overeenkomst is oorspronkelijk gepubliceerd in Stb. 1945/318. De vertaling is gepubliceerd in Stb. 1946/278. De Overeenkomst is in werking getreden op 27 december 1945, zie Trb. 1956/154. De Overeenkomst is gewijzigd door Trb. 1966/212 en Trb. 1987/171.
Artikel IV
Werkzaamheden
Onderdeel van Overeenkomst betreffende de Internationale Bank voor Herstel en Ontwikkeling· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 16 februari 1989