Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Artikel 13

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Argentijnse Republiek tot wederzijdse uitlevering van misdadigers· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 20 februari 1898

Er wordt uitdrukkelijk bedongen dat de doorvoer over het grondgebied van een der contracteerende partijen, van een door eene derde Mogendheid aan de andere partij uitgeleverden persoon, die geen onderdaan is van het land, door hetwelk de doorvoer plaats heeft, zal worden toegestaan op het eenvoudig vertoon langs diplomatieken of consulairen weg van de beschikking tot in staat van beschuldigingstelling of van de beschikking waarbij rechtsingang is verleend met bevel van gevangenneming, van het bevel van gevangenneming of van het vonnis van veroordeeling, mits dat er geen sprake is van staatkundige misdrijven of van feiten met deze misdrijven samenhangende, maar van die opgenoemd bij artikel 2 dezer Conventie. De kosten van doorvoer zullen komen voor rekening van den Staat, die de uitlevering heeft aangevraagd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel