Overal waar rivieren, of andere waterloopen, de grens uitmaken, is derzelver souvereiniteit aan beide Staten gemeen, ten ware het tegendeel uitdrukkelijk bedongen zij. Elke Staat zal, van zijnen kant, voor derzelver behoud en onderhoud waken.
AFDEELING III › Paragraaf
Artikel 35
Artikel 35
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de grensscheiding, met Reglement voor het plaatsen van grenspalen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 3 oktober 1843