De wateraftappingen, thans op de rivieren of andere waterloopen die tot grensscheiding, dienen, bestaande, zullen in dezelver tegenwoordigen staat behouden worden.
Geene nieuwe wateraftapping, geene vergunning of nieuwigheid hoegenaamd, die eenige wijziging met betrekking tot de rivieren en andere waterloopen, grens vormende, of tot den tegenwoordigen toestand der oevers zoude veroorzaken, mag worden toegestaan, zonder de toestemming der beide gouvernementen.
Deze bedingen zijn op de Maas toepasselijk, voor zoo verre de, omtrent deze rivier, genomene beschikkingen daarmede niet tegenstrijdig zijn.
AFDEELING III › Paragraaf
Artikel 36
Artikel 36
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de grensscheiding, met Reglement voor het plaatsen van grenspalen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 3 oktober 1843