**1.** Geen verdragsluitende partij mag de invoer van enig produkt van oorsprong uit het grondgebied van een andere verdragsluitende partij of de uitvoer van enig produkt bestemd voor het grondgebied van een andere verdragsluitende partij verbieden of beperken, tenzij de invoer van het overeenkomstige produkt van oorsprong uit ieder derde land of de uitvoer daarvan naar ieder derde land eveneens is verboden of beperkt.
**2.** Bij de toepassing van invoerbeperkingen op enig produkt streven de verdragsluitende partijen naar een verdeling van de handel in dit produkt welke zo veel mogelijk het aandeel nabij komt dat de verschillende verdragsluitende partijen bij afwezigheid van zulke beperkingen naar alle waarschijnlijkheid hadden kunnen verkrijgen. Te dien einde nemen zij de volgende voorschriften in acht:
Waar zulks uitvoerbaar is worden contingenten vastgesteld welke de totale toegestane importen (al dan niet onder de landen ven levering verdeeld) vertegenwoordigen en wordt de omvang van deze contingenten overeenkomst lid 3 (b) van dit artikel bekendgemaakt;
Waar het niet mogelijk is contingenten vast te stellen kunnen de beperkingen worden opgelegd door middel van invoervergunningen of -consenten zonder contingentering;
Behalve ten behoeve van de administratie van contingenten toegewezen overeenkomstig het gestelde sub (d) van dit lid eisen de verdragsluitende partijen niet, dat invoervergunningen of -consenten worden gebruikt voor de invoer van het desbetreffende produkt uit een bepaald land of een bepaalde bron;
In gevallen waarin een contingent onder de landen van levering is verdeeld, kan de verdragsluitende partij die de beperkingen toepast trachten ten aanzien van de toewijzing van aandelen in het contingent tot overeenstemming te komen met alle andere verdragsluitende partijen die een aanmerkelijk belang hebben bij de levering van het betrokken produkt. In gevallen waarin deze methode niet wel mogelijk is wijst de verdragsluitende partij in kwestie aan de verdragsluitende partijen die een aanmerkelijk belang hebben bij de levering van het produkt aandelen toe, evenredig aan de totale hoeveelheid of waarde van de invoer van het produkt hetwelk deze verdragsluitende partijen gedurende een vorige basisperiode leverden, daarbij terdege rekening houdende met de eventuele bijzondere factoren die van invloed waren of zijn op de handel in dit produkt. Er worden geen voorwaarden of formaliteiten voorgeschreven welke een verdragsluitende partij zouden beletten het haar toegewezen aandeel in zulk een totale hoeveelheid of waarde ten volle te benutten, mits de invoer geschiedt binnen de geldigheidsduur van het contingent.
**3.** In gevallen waarin invoervergunningen worden afgegeven in verband met invoerbeperkingen verstrekt de verdragsluitende partij die de beperkingen toepast op verzoek van elke verdragsluitende partij die belang heeft bij de handel in het desbetreffende produkt alle terzake dienende gegevens omtrent de uitvoering van de beperkingen, de over een recent tijdvak afgegeven invoervergunningen, alsmede omtrent de verdeling van deze vergunningen over de landen van levering, mits er geen verplichting bestaat tot het mededelen van de namen van importeurs of leveranciers.
In geval invoerbeperkingen het vaststellen van contingenten medebrengen brengt de verdragsluitende partij die de beperkingen toepast de totale hoeveelheid of waarde van het produkt of de produkten die gedurende een bepaalde toekomstige periode mogen worden ingevoerd, alsmede elke verandering in deze waarde of hoeveelheid, ter algemene kennis. Eventuele partijen van het produkt in kwestie welke ten tijde van de algemene bekendmaking onderweg waren worden niet ten invoer geweigerd, behoudens dat zij, voor zover doenlijk, in mindering mogen worden gebracht op de in bedoelde periode ten invoer toe te laten hoeveelheid, alsook, waar nodig, op de hoeveelheden welke in de daarop volgende periode of perioden mogen worden ingevoerd, en behoudens verder dat deze handelwijze zal worden geacht ten volle aan het hierbij onder (b) bepaalde te voldoen, indien een verdragsluitende partij gewoon is produkten welke binnen een tijdvak van dertig dagen na de dag van genoemde algemene kennisgeving ten verbruike worden ingevoerd of uit entrepot worden uitgeslagen, van bedoelde beperkingen vrij te stellen.
In geval contingenten zijn verdeeld onder de landen van levering zal de verdragsluitende partij die de beperkingen toepast alle andere verdragsluitende partijen welke belang hebben bij de levering van het desbetreffende produkt onverwijld verwittigen van het in hoeveelheid of waarde uitgedrukte aandeel in het contingent hetwelk voor het lopende tijdvak is toegewezen en zulks ter algemene kennis brengen.
**4.** Met betrekking tot de overeenkomstig lid 2 (d) van dit artikel of lid 2 (c) van artikel XI toegepaste beperkingen geschieden de keuze van een basisperiode voor een produkt en de waardering van eventuele bijzondere factoren die van invloed zijn op de handel in dit produkt in eerste aanleg door de verdragsluitende partij die de beperking oplegt; nochtans treedt genoemde verdragssluitende partij op verzoek van iedere andere verdragsluitende partij die een aanmerkelijk belang heeft bij de levering van dat produkt, dan wel op verzoek der VERDRAGSLUITENDE PARTIJEN, onverwijld met die andere verdragsluitende partij, of met de VERDRAGSLUITENDE PARTIJEN, in overleg nopens de noodzaak van een correctie van de vastgestelde verhouding of de gekozen basisperiode, dan wel nopens de noodzaak van herwaardering van de desbetreffende bijzondere factoren of van afschaffing van voorwaarden, formaliteiten of andere bepalingen welke eenzijdig zijn vastgesteld met betrekking tot de toewijzing van een billijk contingent of de onbeperkte uitputting hiervan.
**5.** De bepalingen van dit artikel zijn van toepassing op elk tariefcontingent dat door enige verdragsluitende partij wordt ingesteld of gehandhaafd, terwijl de beginselen van dit artikel, voor zover toepasselijk, zich eveneens uitstrekken tot uitvoerbeperkingen.
De Engelse en Franse tekst van de Overeenkomst is oorspronkelijk
gepubliceerd in Stb.1950/K 440. De vertaling is gepubliceerd in
Stb.1950/K 440. De Overeenkomst wordt voorlopig toegepast per 1
januari 1948, zie Trb. 1951/53. Het verdrag is aangevuld en
gewijzigd door de in rubriek J van Trb. 1954/129 en rubriek J van
Trb. 1956/29 genoemde Protocollen, Overeenkomsten, etc.
DEEL II
Artikel XIII
Non-discriminatoire toepassing van kwantitatieve beperkingen
Onderdeel van Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel· Financieel en economisch recht