Naar hoofdinhoud
Wanneer een Columbiaansch onderdaan komt te overlijden, zonder bekende erfgenamen of uiterste-wilsuitvoerders na te laten, geven de Nederlandsche ambtenaren, die krachtens de wetten der kolonie met het beheer van den boedel zijn belast, daarvan kennis aan de consulaire ambtenaren, ten einde de noodige mededeeling aan de belanghebbenden te doen geworden.

Rechtspraak bij dit artikel