Naar hoofdinhoud

TITEL IV

Artikel 15

Vergoeding

Onderdeel van Overeenkomst betreffende de overdracht en mutualisatie van de bijdragen aan het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2016

1. De overeenkomstsluitende partijen verbinden zich ertoe gezamenlijk, onverwijld en met rente elke lidstaat die niet aan het gemeenschappelijk toezichtsmechanisme en het gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme deelneemt („niet-deelnemende lidstaat”) te vergoeden voor het bedrag dat die niet-deelnemende lidstaat heeft betaald in de vorm van eigen middelen en dat overeenkomt met het gebruik van de algemene begroting van de Unie in gevallen van niet-contractuele aansprakelijkheid en daarmee verbonden kosten, met betrekking tot de uitoefening van bevoegdheden door de instellingen van de Unie krachtens de GAM-verordening. 2. Het bedrag dat elke niet-deelnemende lidstaat wordt geacht te hebben bijgedragen voor de niet-contractuele aansprakelijkheid en de daarmee verbonden kosten, wordt vastgesteld naar rato van zijn bruto nationaal inkomen als vastgesteld conform artikel 2, lid 7, van Besluit 2007/436/EG, Euratom11)Besluit van de Raad van 7 juni 2007 betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen (PB L 163 van 23.6.2007, blz. 17). of een latere handeling van de Unie tot wijziging of intrekking van dat besluit. 3. De kosten van de vergoeding worden over de overeenkomstsluitende partijen verdeeld naar rato van het gewicht van hun respectieve bruto nationaal inkomen, als vastgesteld conform artikel 2, lid 7, van Besluit 2007/436/EG, Euratom van de Raad of een latere handeling van de Unie tot wijziging of intrekking van dat besluit. 4. De niet-deelnemende lidstaten worden vergoed op de data waarop de bedragen welke overeenkomen met de betalingen die uit de begroting van de Unie worden verricht ter vergoeding van de niet-contractuele aansprakelijkheid en de daarmee verbonden kosten, worden opgenomen in de boekhouding als bedoeld in artikel 9, lid 1, van Verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad12)Verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad van 22 mei 2000 houdende toepassing van Besluit 2007/436/EG, Euratom betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen (PB L 130 van 31.5.2000, blz. 1), met inbegrip van latere wijzigingen. of in een latere handeling van de Unie tot wijziging of intrekking van die verordening, na vaststelling van de desbetreffende gewijzigde begroting. Mogelijke rente wordt berekend volgens de bepalingen inzake achterstandsrente van toepassing op de eigen middelen van de Unie. De omrekening van bedragen tussen nationale valuta en euro geschiedt tegen de wisselkoersen als bepaald conform artikel 10, lid 3, eerste alinea van Verordening (EG, Euratom) nr. 1150/2000 van de Raad of een latere handeling van de Unie tot wijziging of intrekking van die verordening. 5. De Commissie coördineert alle vergoedingsmaatregelen van de overeenkomstsluitende partijen volgens de in de leden 1 tot en met 3 neergelegde criteria. De coördinerende rol van de Commissie bestaat er onder meer in dat zij berekent op welke basis betalingen dienen te worden verricht, dat zij de overeenkomstsluitende partijen in kennis stelt van te verrichten betalingen en dat zij rente berekent.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel