Naar hoofdinhoud
1. De opbrengsten van misdrijven of goederen die zijn geconfisqueerd door een staat die partij is ingevolge artikel 45, worden afgehandeld door die staat die partij is, in overeenstemming met zijn nationale recht en administratieve procedures. 2. Indien handelend naar aanleiding van het verzoek van een andere staat die partij is in overeenstemming met artikel 45, nemen de staten die partij zijn, voor zover dit is toegestaan door hun nationale recht en indien daarom is verzocht, met voorrang de teruggave van de geconfisqueerde opbrengsten van misdrijven of goederen waarvan de waarde overeenkomt met die van deze opbrengsten aan de verzoekende staat die partij is in overweging, opdat deze de slachtoffers van de misdrijven waarop de staten die partij zijn dit Verdrag toepassen schadeloos kan stellen of deze opbrengsten van misdrijven of goederen kan teruggeven aan hun rechtmatige eigenaren. 3. Indien handelend op verzoek van een andere staat die partij is in overeenstemming met artikel 45, kan een staat die partij is bijzondere aandacht schenken aan het sluiten van overeenkomsten of regelingen inzake het op regelmatige basis dan wel van geval tot geval met andere staten die partij zijn delen van opbrengsten van misdrijven of goederen, of fondsen afkomstig van de verkoop van dergelijke opbrengsten van misdrijven of goederen, in overeenstemming met zijn nationale recht of administratieve procedures.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel