**1.** De Partijen treffen alle algemene en bijzondere maatregelen die vereist zijn om aan hun verplichtingen krachtens deze Overeenkomst te voldoen. Zij pakken meningsverschillen en geschillen over de toepassing van deze tussen hen gesloten Overeenkomst aan en behandelen vragen over de uitlegging van deze Overeenkomst overeenkomstig dit artikel.
**2.** Onverminderd de in de leden 3 tot en met 9 van dit artikel en in artikel 74, lid 4, bedoelde procedures kan elke vraag in verband met de uitlegging van deze Overeenkomst worden opgelost aan de hand van overleg in de OACPS-EU-Raad van Ministers of, met instemming van de Partijen, door een speciaal subcomité of een ander passend mechanisme dat verslag uitbrengt aan de OACPS-EU-Raad van Ministers. De Partijen verstrekken de relevante informatie die nodig is voor een grondig onderzoek van de kwestie, zodat deze tijdig en in der minne kan worden behandeld.
**3.** Voor de toepassing van de leden 4 tot en met 9 verwijst de term „Partij” naar de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en elk OACPS-lid, anderzijds.
**4.** De Partijen behandelen onderlinge meningsverschillen binnen het kader van de partnerschapsdialoog om te voorkomen dat zich situaties voordoen waarbij een Partij het nodig zou achten gebruik te maken van het overleg uit hoofde van de leden 5 en 6.
**5.** Indien een van beide Partijen van oordeel is dat de andere Partij heeft nagelaten een verplichting uit hoofde van deze Overeenkomst na te komen, stelt zij de andere Partij daarvan in kennis en verstrekt zij alle relevante informatie die nodig is voor een grondig onderzoek van de situatie, om binnen 90 dagen na de datum van kennisgeving tot een wederzijds aanvaardbare oplossing te komen. Indien dit onvoldoende wordt geacht, plegen de Partijen gestructureerd en systematisch overleg. Indien zij binnen 120 dagen na aanvang van het overleg niet tot een wederzijds aanvaardbare oplossing kunnen komen, kan de kennisgevende Partij maatregelen nemen die evenredig zijn met de niet-nakoming van de specifieke verplichting.
**6.** Onverminderd lid 5 stelt een Partij, indien zij van mening is dat de andere Partij een van de in artikelen 9 en 18 bedoelde essentiële elementen schendt, behalve in bijzonder dringende gevallen, of in ernstige gevallen van corruptie zoals bedoeld in artikel 12, de andere Partij daarvan in kennis en verstrekt zij alle relevante informatie die nodig is voor een grondig onderzoek van de situatie, om binnen 60 dagen na de datum van kennisgeving een voor beide Partijen aanvaardbare oplossing te vinden. Indien dit onvoldoende wordt geacht, plegen de Partijen gestructureerd en systematisch overleg. Zonder afbreuk te doen aan het bilaterale karakter van het overleg, wordt in de fase van gestructureerd en systematisch overleg, na instemming van de Partijen, een bijzonder Gemengd Comité erbij betrokken. Het Bijzonder Gemengd Comité, bestaande uit een gelijk aantal vertegenwoordigers van de EU en de OACPS-leden, dat de beginselen van echt partnerschap en wederzijdse verantwoordingsplicht eerbiedigt, verleent advies over de nakoming van verplichtingen en verleent in voorkomend geval bijstand, zodat de betrokken Partij de nodige maatregelen neemt om aan de uit deze Overeenkomst voortvloeiende verplichtingen te voldoen. De betrokken Partij blijft als enige verantwoordelijk voor de naleving van haar verplichtingen uit hoofde van deze Overeenkomst. Indien zij binnen 90 dagen na aanvang van het overleg niet tot een wederzijds aanvaardbare oplossing kunnen komen, kan de kennisgevende Partij passende maatregelen nemen.
**7.** Indien een van de Partijen van oordeel is dat een schending van een van de essentiële elementen een bijzonder dringend geval vormt, kan zij met onmiddellijke ingang passende maatregelen nemen, zonder voorafgaand overleg. Bijzonder dringende gevallen hebben betrekking op uitzonderlijke gevallen van een bijzonder ernstige en flagrante schending van een van de in artikel 9 en artikel 18 bedoelde essentiële elementen.
**8.** De in de leden 6 en 7 bedoelde „passende maatregelen” worden genomen met volledige inachtneming van het internationaal recht en staan in verhouding tot de niet-nakoming van de verplichtingen uit hoofde van deze Overeenkomst. Voorrang wordt gegeven aan maatregelen die de werking van deze Overeenkomst het minst verstoren. Passende maatregelen kunnen de volledige of gedeeltelijke opschorting van deze Overeenkomst omvatten. Nadat passende maatregelen zijn genomen, kan op verzoek van een van de Partijen overleg worden gepleegd om de situatie grondig te onderzoeken en oplossingen te vinden die de intrekking van passende maatregelen mogelijk maken.
**9.** De Partijen komen overeen dat het overleg moet plaatsvinden op het niveau en in de vorm die het gunstigst worden geacht om tot een wederzijds aanvaardbare oplossing te komen. Zij komen overeen dat, zonder afbreuk te doen aan het bilaterale karakter van het overleg, relevante regionale en internationale actoren bij het overlegproces kunnen worden betrokken, met instemming van de betrokken Partijen.
DEEL VI
Artikel 101
Geschillenbeslechting en nakoming van verplichtingen
Onderdeel van Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de leden van de Organisatie van Staten in Afrika, het Caribisch Gebied en de Stille Oceaan, anderzijds· Financieel en economisch recht