Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

Het gesprek

Onderdeel van Regeling ontwikkelingsgesprekken 2007/2

Lid 1 De directe leidinggevende stelt de medewerker minimaal twee weken tevoren op de hoogte van de datum waarop het ontwikkelingsgesprek zal worden gehouden. Lid 2 Uiterlijk één week voorafgaand aan het gesprek geeft de medewerker het, door hem ter voorbereiding op het gesprek, gedeeltelijk ingevulde formulier ontwikkelingsplan (de vragen: verleden, heden en toekomst), aan zijn leidinggevende. Lid 3 Zowel de leidinggevende als de medewerker vullen de analyse van de competenties in op het tweede deel van het formulier voorbereiding ontwikkelingsgesprek en nemen dit mee naar het ontwikkelingsgesprek. Lid 4 Het ontwikkelingsgesprek zal geen doorgang vinden indien bij aanvang van het gesprek blijkt dat de leidinggevende en/of de medewerker de formulieren niet of niet volledig heeft ingevuld. Er zal in dat geval op korte termijn een nieuw gesprek worden gepland. Lid 5 Op verzoek van de medewerker en/of de direct leidinggevende wordt het gesprek bijgewoond door de personeelsconsulent en/of door een door de medewerker aangewezen derde. De aanwezigheid van de personeelsconsulent en/of een derde zal uiterlijk 3 dagen voor het gesprek worden gemeld. Lid 6 De verslaglegging vindt in beginsel plaats door de leidinggevende op het ontwikkelingsplan. Het verslag zal door de leidinggevende uiterlijk binnen 2 weken na afloop van het gesprek aan de medewerker worden overhandigd. Lid 7 De medewerker en leidinggevende, en eventueel de aanwezige personeelsconsulent en derden, ondertekenen binnen 2 weken na ontvangst het naar aanleiding van het gesprek ingevulde ontwikkelingsplan. Lid 8 De medewerker ontvangt binnen twee weken na zijn ondertekening een afschrift van het door allen ondertekende ontwikkelingsplan. Lid 9 Indien de medewerker het niet eens is met de inhoud van het ontwikkelingsplan, en hij het formulier niet heeft ondertekend, bespreekt hij zijn opmerkingen eerst met zijn direct leidinggevende. Als dit niet leidt tot een bevredigende oplossing vindt een gesprek plaats met de naast hogere leidinggevende en de personeelsconsulent. Van dit gesprek wordt verslag gemaakt dat door alle aanwezigen, (de medewerker, de naast hogere leidinggevende en de personeelsconsulent) voor akkoord wordt getekend.

Rechtspraak bij dit artikel