Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.2

Wet voorkeursrecht gemeenten

Onderdeel van Nota Grondbeleid

De Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) is bedoeld om overheden een betere uitgangspositie te verschaffen op de grondmarkt. Hierdoor wordt de regierol van gemeenten, provincies of het rijk bij de uitvoering van ruimtelijk beleid versterkt, de inzichtelijkheid van de grondmarkt vergroot en kan prijsopdrijving door speculatie worden voorkomen. Een voorkeursrecht is een grondbeleidinstrument voor de verwerving van gronden en opstallen door de overheid. Door het vestigen van een voorkeursrecht wordt de gemeente, de provincie of het rijk in staat gesteld bij voorrang de eigendom te verkrijgen van gronden en opstallen in een gebied waar nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen gepland worden. Alle gemeenten, provincies en het rijk kunnen een voorkeursrecht vestigen op gronden waaraan in een nieuw bestemmingsplan, inpassingplan, projectbesluit of nieuwe structuurvisie een niet-agrarische bestemming is gegeven en waarvan het gebruik van de grond afwijkt van die (voorgenomen) bestemming. Dit is bijvoorbeeld het geval als op een weiland of op landbouwgrond een nieuwe woonwijk of een bedrijventerrein gaat worden gebouwd. Ook gronden die in een structuurvisie zijn aangewezen als moderniseringsgebied als bedoeld in artikel 3.5 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) komen in aanmerking voor de vestiging van een voorkeursrecht, ongeacht of het gebruik van die gronden afwijkt van het plan. Het voorkeursrecht is een passief recht. De eigenaar van de grond waarop het voorkeursrecht is gevestigd is niet verplicht de grond te verkopen. Áls de eigenaar de grond echter wil verkopen, dan moet de grond eerst aan de gemeente, de provincie of het rijk (afhankelijk van wie het voorkeursrecht heeft gevestigd) worden aangeboden. Zolang de eigenaar geen plannen heeft tot verkoop, kan de desbetreffende overheid de grond niet via het voorkeursrecht verwerven. De eigenaar blijft dan ook bevoegd om zelf tot realisatie van de (voorgenomen) bestemming over te gaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel