**1..** De vergunning kan geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken:
a. indien de ter verkrijging daarvan verstrekte gegevens zodanig onjuist
of anders blijken te zijn dat op de aanvraag een andere beslissing zou
zijn genomen, indien bij de behandeling daarvan de juiste gegevens
bekend waren geweest;
b. indien het beroep of bedrijf niet wordt uitgeoefend overeenkomstig
de gegevens vermeld bij de aanvraag voor de vergunning;
c. indien de aan de vergunning verbonden voorschriften niet in acht
worden genomen;
d. indien op grond van een verandering van de omstandigheden of
inzichten, opgetreden na het verlenen van de vergunning, moet worden
aangenomen dat het van kracht blijven van de vergunning op
onaanvaardbare wijze schade zou opleveren:
- voor de riolering of voor de goede werking daarvan:
- voor de rioolwaterzuiveringsinstallatie of enig ander werk waarop de
riolering is aangesloten of voor de goede werking daarvan, dan wel
- voor het ontvangende oppervlaktewater en aan dat bezwaar door het
stellen van (nadere) voorschriften redelijkerwijze niet of niet
voldoende kan worden tegemoet gekomen.
**2..** Vervallen
**3..** Een beschikking tot intrekking van een vergunning blijft, tenzij bij de
beschikking in spoedeisende gevallen anders wordt bepaald, buiten
werking gedurende de voor het beroep gestelde termijn en de behandeling
van het beroep.
**4..** Artikel 8, lid 7 is van overeenkomstige toepassing.