1.. recht op pensioen heeft hij, die:

  • - op het tijdstip van aftreden als wethouder de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt;
  • - na opgehouden te hebben wethouder te zijn, de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.

2.. Het pensioen gaat in met de dag, waarop het recht op pensioen is ontstaan.