Naar hoofdinhoud
1.. Zo spoedig mogelijk na het overlijden van de gepensioneerde wethouder wordt aan de weduwe of weduwnaar een uitkering toegekend ten bedrage van het pensioen van de gepensioneerde wethouder, berekend over twee maanden. 2.. Laat de overledene geen weduwe of weduwnaar na, dan geschiedt de uitkering ten behoeve van de minderjarige wettige of natuurlijke kinderen van de overledene, of minderjarige kinderen waarvoor de overledene ten tijde van zijn overlijden de pleegouderlijke zorg droeg. Onder pleegouderlijke zorg wordt verstaan de zorg voor het onderhoud en de opvoeding van het kind, als was het een eigen kind, onafhankelijk van enige verplichting daartoe of het genieten van een vergoeding daarvoor. 3.. Laat de overledene geen betrekkingen na als bedoeld in het eerste en tweede lid, dan kan het daar bedoelde bedrag door burgemeester en wethouders geheel of gedeeltelijk worden uitgekeerd voor de betaling van de kosten van de laatste ziekte en van de lijkbezorging.

Rechtspraak bij dit artikel