**1..** Op schriftelijk verzoek van de weduwe, die aantoont, dat een rente of uitkering als bedoeld in artikel 19, onder 2e, der Ongevallenwet 1921, artikel 40, onder 2e, van de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922, onderscheidenlijk artikel 2, tweede lid, van de Zeeongevallenwet 1919, dan wel een zodanige, uitkering krachtens de liquiditeitswet ongevallenwetten, daaronder begrepen de daarop verleende toe- en bijslagen, anders dan ingevolge de Wet compensatie premie Algemene Ouderdomswet ongevallenrentetrekkers, is beperkt uit hoofde van haar recht op algemeen weduwenpensioen als bedoeld in de Algemene Weduwen- en Wezenwet, wordt het bedrag van die beperking, in mindering gebracht op het inbouwbedrag, bedoeld in artikel 36.
**2..** Indien op de dag waarop het verzoek, bedoeld in het eerste lid, bij burgemeester en wethouders is ingekomen, meer dan een jaar is verstreken, nadat de omstandigheid, bedoeld in het eerste lid, is opgetreden, gaat de in dat lid bedoelde vermindering niet vroeger in dan een jaar voor de eerste dag van de maand, waarin het verzoek is ontvangen.
HOOFDSTUK IX
Artikel 71