Naar hoofdinhoud

§ 7

Artikel 24

Strafbepaling

Onderdeel van Afvalstoffenverordening Sittard-Geleen 2009

Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 3º, Wet op de economische delicten: Artikel Onderwerp Artikel 6 Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens vergunning Artikel 7 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Artikel 8 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan gebruikers van percelen Artikel 9 Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Artikel 10 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Artikel 11 Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Artikel 14 Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst Artikel 15 Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst Artikel 16 Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Artikel 17 Achterlaten van straatafval Artikel 18 Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen Artikel 19 Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren Artikel 20 Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Artikel 21 Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden Artikel 22 Verbod opslag van afvalstoffen Artikel 23 Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden Toelichting De tekst van dit artikel sluit aan bij artikel 6.1 APV: Strafbepalingen. Aanduiding strafbare feiten In dit artikel worden de bepalingen opgesomd die als strafbaar feit worden aangeduid om strafrechtelijk gehandhaafd te kunnen worden. De strafbaarstelling van artikel 10.23 Wm over de gemeentelijke afvalstoffenverordening is geregeld in de Wet op de economische delicten (Wed). Aangezien niet alle bepalingen in de afvalstoffenverordening zich voor strafrechtelijke handhaving lenen, is de strafbaarstelling geclausuleerd. Artikel 1a, aanhef, onder 3º Wed luidt:“Economische delicten zijn eveneens: overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens: …. de Wet milieubeheer, 10.23 - voorzover aangeduid als strafbare feiten - en …….” In de afvalstoffenverordening moet daarom worden aangegeven welke overtredingen (lees: de overtreding van welke artikelen) een strafbaar feit opleveren. Uitsluitend indien dat het geval is, vormt de overtreding een economisch delict in de zin van artikel 1a, onder 3º Wed. In dit kader is tevens van belang dat de afvalstoffenverordening tijdig wordt aangepast aan een eventuele wijziging van hogere wetgeving. Zo werd in een uitspraak van de rechtbank Zwolle (d.d. 14 december 2004, LJN:AR7488, 07.750227-03) overwogen, dat de APV ten tijde van het bewezen verklaarde feit nog niet was aangepast aan de wijziging van de Wet milieubeheer, zodat het gedrag in strijd met de verordening niet uitdrukkelijk is aangeduid als strafbaar feit. De rechtbank bepaalde dat niet was voldaan aan het vereiste van de Wed en dat alleen sprake was van een economisch delict, indien de betreffende gedraging is aangeduid als strafbaar feit en besluit tot ontslag van alle rechtsvervolging. Strafmaat In de Wed is de strafmaat aangegeven van overtredingen van plaatselijke verordeningen die gebaseerd zijn op de Wet milieubeheer. In het geval van de afvalstoffenverordening hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van de vierde categorie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel