**1..** Het college kan bij een met redenen omkleed besluit de sluiting van
een inrichting of een gedeelte daarvan bevelen:
indien een inrichting zonder de vereiste vergunning wordt
geëxploiteerd;
voor zover een inrichting niet overeenkomstig de vergunning
wordt geëxploiteerd;
voor zover een inrichting niet overeenkomstig de aan de
vergunning verbonden voorwaarden wordt geëxploiteerd.
**2..** Het college deelt het besluit als bedoeld in het eerste lid
schriftelijk bij aangetekende brief mede aan:
de exploitant en de beheerder van de betreffende
inrichting;
de blijkens een door de exploitant en/of de beheerder te
verstrekken opgave van de in debetreffende inrichting of in
het betreffende gedeelte daarvan verblijvende personen aan
wie gelegenheid tot logeren- en/of kamerruimte wordt
verschaft als bedoeld in het bepaalde in deze
verordening.
**3..** Een besluit tot gehele of gedeeltelijke sluiting van een inrichting
treedt in werking dertig dagen na de dag, waarop dit besluit op de
in het tweede lid bedoelde wijze is medegedeeld en daartegen door de
in dat lid bedoelde belanghebbenden geen beroep is ingesteld als
bedoeld in artikel 36, eerste lid. In dat geval tegen een zodanig
besluit beroep wordt ingesteld wordt tot gehele of gedeeltelijke
sluiting van de betreffende inrichting niet overgegaan dan nadat
door de raad op een dergelijk beroep is beslist.
**4..** In afwijking van het bepaalde in het eerste lid in dringende
gevallen in het belang van de gezondheid en/of de veiligheid bij een
met redenen omkleed besluit de onmiddellijke sluiting van een
inrichting of een gedeelte daarvan bevelen.
**5..** Van het besluit tot sluiting wordt door of vanwege het college op
een duidelijk zichtbare plaats een afschrift bevestigd bij de
hoofdtoegang van de betreffende inrichting dan wel bij de
toegang(en) van het gedeelte daarvan, alsmede in de betreffende
inrichting of het betreffende gedeelten daarvan. Het college brengt
op het betreffende besluit bovendien op de gebruikelijke wijze ter
openbare kennis voor de termijn, dan dit van kracht is.
**6..** De rechthebbende(n) op de betreffende inrichting, de exploitant, de
beheerder en de in de inrichting verblijvende personen zijn
verplicht toe te laten, dat het afschrift van het besluit, waarbij
de sluiting wordt bevolen, overeenkomstig het bepaalde in het vijfde
lid wordt bevestigd en bevestigd blijft zo lang het betreffende
besluit van kracht is.
**7..** Gedurende de tijd, dat het besluit tot sluiting van kracht is, is
het de exploitant en de beheerder verboden om in de gesloten
inrichting aan niet tot het gezin van de exploitant en/of beheerders
behorende personen of aan hun buitenshuis wonende bloed- of
aanverwanten gelegenheid tot logeren en/of kamerruimte als bedoeld
in het bepaalde in deze verordening te verschaffen, te doen
verschaffen, zulks te gedogen of te doen gedogen, tenzij door het
college vooraf anders is bepaald.
Hoofdstuk VI
Artikel 31
Sluiting
Onderdeel van Verordening op de logeer- en kamerverhuurinrichtingen