Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VI

Artikel 32

Verzegeling

Onderdeel van Verordening op de logeer- en kamerverhuurinrichtingen

1.. Ingeval tot sluiting wordt overgegaan kunnen burgemeester en wethouders, onverminderd het bepaalde in artikel 210, juncto artikel 152 van de gemeentewet, de op grond van het bepaalde in artikel 31 gesloten inrichting of het gesloten gedeelte daarvan doen verzegelen en verzegeld houden gedurende de tijd, dat het besluit tot sluiting van kracht is, met uitzondering van die ruimte(n) in de betreffende inrichting of het gesloten gedeelte daarvan waarin de exploitant en/of de beheerder dan wel de tot hun gezin behorende personen woonachtig zijn. 2.. De rechthebbende(n) op de betreffende inrichting, de exploitant en de beheerder zijn verplicht toe te laten, dat de verzegeling als bedoeld in het eerste lid wordt aangebracht en aangebracht blijft zolang het betreffende besluit tot sluiting van kracht is. 3.. Het is verboden een op grond van het bepaalde in dit artikel aangebrachte verzegeling te verbreken of te doen verbreken, tenzij het college: de gehele of gedeeltelijke sluiting hebben opgeheven; daartoe bij een vooraf schriftelijk mede te delen besluit ontheffing hebben verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel